Synoniemen van ochtend

2019-10-22

ochtend

Het begrip ochtend heeft 21 verschillende betekenissen: 1) ochtend die rustig verloopt, zonder dat er veel te doen is of zonder stoornis 2) de hele dag; de godganse dag; altijd 3) bijeenkomst in de ochtend, georganiseerd voor een optreden, evenement, activiteit of bezigheid; bijeenkomst 's ochtends 4) op, tijdens de ochtend van een bepaalde dag of op de genoemde tijdsspecificatie binnen de betreffende ochtend 5) vroege deel van de morgen, vanaf de ochtendschemering of vanaf het hernemen van de a...

2019-10-22

ochtend

ochtend - zelfstandig naamwoord uitspraak: och-tend 1. tijd vanaf zonsopgang tot de middag ♢ ik ben de hele ochtend thuis geweest Zelfstandig naamwoord: och-tend de ochtend de ochtenden het ochtendje Synoniemen morgen, voormiddag Tegenstellingen avond

2019-10-22

ochtend

ochtend - Zelfstandignaamwoord 1. (tijdrekening) eerste deel van de dag, tussen ca. 6.00 en 12.00 uur Waarom breekt er elke ochtend als de zon opkomt een vogelconcert los? 2. (tijdrekening) de tijd tussen het opstaan en 12.uur 's middags Synoniemen morgen

2019-10-22

Ochtend

(dicht.) UCHTEND, m. (-en), de vroege morgen, de morgen bij het aanbreken van den dag : van den (vroegen) ochtend tot den (laten) avond; — de morgen, zonder het bijdenkbeeld van vroegte, de morgentijd, de voormiddag: ik heb den heelen ochtend gewerkt; van (den) ochtend, van dezen morgen: hedenochtend, morgenochtend enz.; — (fig.) het eerste begin, de aan vang, t. w. van nieuwe tijdperken, die ook gezegd worden aan te breken en aan te lichten: de ochtend en de avond des levens; na zijne komme...

2019-10-22

ochtend

ochtend - Het vroege deel van de dag, met name de periode van zonsopgang tot het middaguur.

2019-10-22

Ochtend

zie Dageraad.