Wat is de betekenis van niemendal?

2019
2022-11-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

niemendal

niemendal - Onbepaald voornaamwoord 1. helemaal niets Ik heb niemendal! Woordherkomst samenstelling van niemend en al

Lees verder
2018
2022-11-30
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

niemendal

niemendal - zelfstandig naamwoord uitspraak: nie-men-dal 1. iets wat onbelangrijk is ♢ om een niemendal is hij kwaad 2. luchtig, gemakkelijk boek, film etc. ♢ zij leest in bed alleen niemendalle...

Lees verder
1973
2022-11-30
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

niemendal

I. onbep. telw. 1. volstrekt niets: je hebt hier niemendal te vertellen; niks niemendal; 2. iets van geen waarde of belang: o, dat is dat heeft niets te betekenen; (gew.) van niemendal, van geringe stand; II. zn., 1. o., kleinigheid, futiliteit: voor een niemendal heb je het; 2. m. (-len), iemand zonder enige zelfstandig- of degelijkheid.

Lees verder
1952
2022-11-30
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Niemendal

num., neat.

1950
2022-11-30
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Niemendal

I. onbep. telw., 1. volstrekt niets: dat is (zoveel als) niemandal; je hebt hier niemendal te vertellen ; — niks niemendal; 2. iets van geen waarde of belang: o, dat is niemendal, dat heeft niets te betekenen ; — (Zuidn.) van niemendal, van geringe stand: boeren van niemendal. II. bw., (veroud....

Lees verder
1937
2022-11-30
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

niemendal

(niet-met-al, volstrekt niets) 1. bw. en onbep. telw.: hij doet niemendal; 2. m. niemendallen als znw.: 36 leden: 12 Allen, 12 Mallen en 12 Niemendallen; 3. o.: een lekker niemendalletje.

Lees verder
1930
2022-11-30
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

niemendal

(nimən'dal) [niet met allen] 1. onbep. telw. volstrekt niets : te vertellen hebben. - II. m. =len; -letje) 1. Eig. iets zonder waarde : wat doe je daar? -; een lekker -letje in een bodemloos mandje; zijn geld verdoen aan -letjes, aan waardeloze prullen. 2. Metn. persoon van niemendal, zonder enige degelijkheid, zelfstandigheid : 36 leden,...

Lees verder
1911
2022-11-30
pluim

Keur van Nederlansche woordafleidingen

Niemendal

staat voor niet-medal, en medal = mid-al of met-al = met alles. Niemendal is dus lett.: niet met alles = met niets.

1898
2022-11-30
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Niemendal

Niemendal bw. niets: dat is (zooveel als) niemendal; je hebt hier niemendal te vertellen; (scherts.) hij kreeg een niemendalletje, niets.

1864
2022-11-30
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Niemendal

Niemendal, bijw. (niet met al), niets.