Wat is de betekenis van netto?

2019
2022-08-14
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

netto

netto - Bijwoord 1. (van gewicht) zonder de verpakking Na uitpakken bleef er een boekje over dat netto nog geen halve ons woog. 2. na aftrek van kosten en belastingen Hij verdient netto zo'n vijftigduizend euro per jaar. Woordherkomst v...

Lees verder
2018
2022-08-14
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

netto

netto - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: net-to 1. het loon nadat alle premies betaald zijn ♢ netto houdt hij niet veel over van zijn loon Bijvoeglijk naamwoord: net-to Synoniemen schoon, schoon Tegenstellingen bruto

Lees verder
1994
2022-08-14
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Netto

afk. no of nto [lt. = rein, net, netto, van Lat. nitidus = glanzend, schitterend] zuiver, na aftrek van wat van de opbrengst moet worden afgetrokken.

1993
2022-08-14
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Netto

na aftrek van tarra; na aftrek van kosten

1973
2022-08-14
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

netto

[Ital., zuiver], bw., zuiver, na aftrek of zonder berekening van tarra of andere bijkomstigheden, schoon: dat weegt tien pond netto.

1955
2022-08-14
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Netto

zuiver gewicht; netto-bedrag na aftrek der kosten

1954
2022-08-14
Agrarisch

Agrarisch Encyclopedie

Netto

(Ital.) Zuiver, d.w.z. na aftrek van het gewicht of volume van onzuiverheden, verpakking e.d. (netto gewicht, netto volume) of na aftrek van onkosten (netto-opbrengst).

1952
2022-08-14
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Netto

adj. & adv., skjin; — winst, skjin jild (it).

1950
2022-08-14
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Netto

(It.), bw., zuiver, na aftrek der tarra of van andere bijkomstigheden, schoon: netto-gewicht; wegende 10 pond netto ; het netto-bedrag, na aftrek der onkosten; de netto-opbrengst van een verloting; netto cassa, betaling contant zonder enige korting.

1949
2022-08-14
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Netto

(Ital.), zuiver. N.-winst : winst met aftrek van kosten. N.-gewicht: gewicht met aftrek van verpakking.

Lees verder
1948
2022-08-14
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

netto

zuiver, na aftrek van al wat v. d. opbrengst mag worden afgetrokken.

1937
2022-08-14
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

netto

bn., bw. (It. het bruto-gewicht, verminderd met de tarra; het zuivere gewicht der koopwaren): het netto gewicht; de kist weegt netto 1200 kg; netto contant, contant zonder korting; zie Nto.

1933
2022-08-14
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Netto

een bedrag of gewicht na aftrek v. alle onkosten resp. v/h gewicht der verpakking ( → tarra).

1933
2022-08-14
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Netto

(handelsecon.). Dit woord wordt in verbinding met vsch. andere gebruikt, bijv. : a) Netto cassa. Hiermee wordt aangeduid, dat ook bij onmiddellijke betaling van het factuurbedrag geen korting wordt toegestaan. b) Netto gewicht, het bruto (ruw) gewicht, verminderd met de korting voor verpakking (tarra). Soms wordt er mee bedoeld het gewicht na aftr...

Lees verder
1928
2022-08-14
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Netto

In den handel wordt het woord netto veel gebruikt. Het is een Italiaans woord, dat zuiver betekent en tegenover bruto of ruw staat. Nettowinst betekent dus de zuivere winst; dat is de winst, die er overblijft na aftrek van alle gemaakte kosten. Nettogewicht is het zuivere gewicht der goederen, dus na aftrek van het gewicht der verpakking enz.

Lees verder
1916
2022-08-14
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Netto

Netto, - zie BRUTO.

1898
2022-08-14
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Netto

Netto bw. zuiver, na aftrek der tarra, schoon: netto-gewicht; wegende 10 pond netto; het netto-bedrag, de netto-winst; de netto-opbrengst eener verloting.

1870
2022-08-14
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Netto

Netto is een Italiaansch woord, hetwelk zuiver beteekent, en staat tegenover bruto of ruw. Men spreekt bijv. van de netto-opbrengst eener onderneming en bedoelt dan de zuivere winst na aftrek van alle kosten, — alsmede van een netto-gewigt, namelijk van het gewigt der koopwaar zelve na aftrek van dat der vaten, emballages enz.

1864
2022-08-14
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

netto

netto - bijw. zuiver, na aftrek der tarra, □ van alles; schoon