Wat is de betekenis van nervositeit?

2019
2023-02-05
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

nervositeit

nervositeit - Zelfstandignaamwoord 1. (medisch) zenuwachtigheid Woordherkomst Van het Engelse nervosity of het Franse nervosité, van het Latijnse 'nervositas' met het achtervoegsel -iteit

Lees verder
2018
2023-02-05
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

nervositeit

nervositeit - zelfstandig naamwoord uitspraak: ner-vo-si-teit 1. het zenuwachtig zijn ♢ voor het examen heb ik last van nervositeit Zelfstandig naamwoord: ner-vo-si-teit de nervositeit

Lees verder
1994
2023-02-05
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Nervositeit

[Fr. nervosité (Lat. nervositas = sterkte van een draad)] zenuwachtigheid.

1993
2023-02-05
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Nervositeit

(nerveuzigheid) zenuwachtigheid

1990
2023-02-05
Logistiek

Logistieke begrippenlijst

Nervositeit

(MRP-term) Nervositeit is de mate waarin het MRP-systeem in een bepaalde bedrijfssituatie reageert op veranderingen. Een systeem heeft een hoge nervositeit indien kleine veranderingen (in de vraag, uitval, etc.) via de behoefte-explosie resulteren in een groot aantal wijzigingen in de reeds opgestelde orders.

Lees verder
1973
2023-02-05
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

nervositeit

[Fr.j, v., zenuwachtigheid.

1955
2023-02-05
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Nervositeit

zenuwachtigheid ; zenuwzwakte.

1954
2023-02-05
Medisch Encyclopedie 1954

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Nervositeit

zenuwachtigheid, zie aldaar.

1950
2023-02-05
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Nervositeit

(<Er.), v., zenuwachtigheid.

1948
2023-02-05
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

nervositeit

v. zenuwzwakte, zenuwachtigheid.

1939
2023-02-05
Humoristisch woordenboek

Amusant-Zorgenverdrijvend Woordenboek (De Kolibri)

Nervositeit

Onhebbelijkheden der beter gesitueerden.

1937
2023-02-05
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

nervositeit

v. (Fr. zenuwachtigheid).

1933
2023-02-05
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Nervositeit

of zenuwachtigheid is in de moderne psychopathologie geen wetenschappelijke vakterm meer. Buiten vakkringen wordt deze term nog zeer veelvuldig gebruikt: hij is dan ook niet scherp omschreven, maar geeft anderzijds toch een vrij goede voorstelling van bepaalde toestanden. Men verstaat er dan onder die toestanden, waarbij een persoon onrustig is in...

Lees verder
1930
2023-02-05
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

nervositeit

(‘teit) v. het nerveus zijn.

1914
2023-02-05
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

nervositeit

nervositeit - v., zenuwachtigheid; zenuwzwakte.

1908
2023-02-05
Vivat

Schrijver op Ensie

Nervositeit

toestand van iemand die nerveus (zie ald.) is.

1906
2023-02-05
wink

Wink's vreemde woordenboek

Nervositeit

vr., zenuwachtigheid.

1898
2023-02-05
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Nervositeit

Nervositeit v. zenuwachtigheid.