Wat is de betekenis van nazaat?

2024-07-21
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-07-21
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

nazaat

nazaat - Zelfstandignaamwoord 1. iemand met een specifieke voorouder of specifieke voorouders Hij is een verre nazaat van Karel de Grote. Woordherkomst samenstelling van na en zaat Synoniemen nakomeling Antoniemen voorzaat

2024-07-21
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

nazaat

nazaat - zelfstandig naamwoord uitspraak: na-zaat 1. iemand die een bepaalde ander als voorouder heeft ♢ er zijn geen meisjes onder zijn nazaten van mijn opa Zelfstandig naamwoord: na-zaat de nazaat ...

2024-07-21
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Nazaat

s., neikomling, neisiet.

2024-07-21
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Nazaat

m. (...zaten), nakomeling, afstammeling; de nazaten, ook collect. de nazaat, de nakomelingschap, het nageslacht.

2024-07-21
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

nazaat

m. nazaten (nakomeling) verg. landzaat.

2024-07-21
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

nazaat

('na:) m. (...zaten) [zaat, ingezetene] 1. Eig. nakomeling. Syn.→ afkomeling. 2. Metn. nakomelingschap.

2024-07-21
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

nazaat

m. (-zaten), nakomeling, afstammeling: de nazaten, de nakomelingschap, het nageslacht.

Wil je toegang tot alle 11 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-07-21
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Nazaat

m. (...zaten), nakomeling, afstammeling; de nazaten, de nakomelingschap, het nageslacht : voor wij onze voorvaderen hier veroordeelen, mogen wij eerst wel eens vragen hoe onze nazaten zullen spreken over onze hooggeroemde wetenschappelijkheid.