2019-11-20

nalaten

nalaten - Werkwoord 1. (ov) iets niet doen, dat men had zullen of moeten doen Hij liet na de gevolgen ervan goed te overzien. 2. (ov), (juridisch) in een testament toebedelen Hij liet zijn vermogen na aan de kerk. Woordherkomst samenstelling van na(bijwoord) en laten(werkwoord) Synoniemen [1] verzaken, verzuimen [2] vermaken (bet. 2)

2019-11-20

nalaten

nalaten - onregelmatig werkwoord uitspraak: na-la-ten 1. het niet doen ♢ hij heeft nagelaten het slot te controleren 2. achterlaten bij overlijden ♢ hij heeft een groot fortuin nagelaten Onregelmatig werkwoord: na-la-ten ik laat na (... ik nalaat) jij/u laat...

2019-11-20

Nalaten

Nalaten (liet na, heeft nagelaten), achterlaten (bij overlijden): hij heeft twee zoons nagelaten; hij liet een groot fortuin na; — (fig.) overleveren, doen overgaan van het eene geslacht op het andere: dat was zijn grootste geluk: het bewustzijn dat hij zijnen kinderen een ongerepten naam naliet; — aflaten, niet doen, laten: die onhebbelijkheid moet gij nalaten; — niet nakomen, verzuimen, veronachtzamen: gij moet het eene doen en het andere niet nalaten; het gebod Gods nalaten; — ik kan...

2019-11-20

Nalaten

zie Aflaten.