Wat is de betekenis van Naief?

2021
2021-06-18
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Naief

Naïef zijn of naïviteit betekent dat een persoon iemand anders gemakkelijk vertrouwt of gelooft, ofwel te goed van vertrouwen is. Deze houding heeft doorgaans als eigenschap dat iemand onbevangen en ongekunsteld door het leven gaat. Het woord naïef komt oorspronkelijk van het Franse naïef. Belangrijke synoniemen zijn: argeloos, goedgelovig, kinderl...

Lees verder
2019
2021-06-18
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

naïef

naïef - Bijvoeglijk naamwoord 1. onvoldoende bewust van de mogelijke gevolgen van eigen handelen Zijn naïeve opmerking zorgde voor grote hilariteit.

Lees verder
2018
2021-06-18
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

naïef

naïef - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: na-ief 1. onervaren, terwijl dat niet zo zou moeten zijn ♢ het is nogal naïef van hem om die kinderen alles zelf te laten doen 2. wie niets kwaads verwacht of bedoelt ...

Lees verder
1994
2021-06-18
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Naïef

[Fr. naïf, van Lat. nativus = aangeboren, natuurlijk; zie nataal] kinderlijk argeloos, eenvoudig en ongekunsteld; onnozel.

1993
2021-06-18
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Naïef

ongekunsteld; natuurlijk

1973
2021-06-18
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

naïef

[➝Fr.], bn. en bw. (naïever, -st), 1. natuurlijk, ongekunsteld, eenvoudig: naïeve oprechtheid; een — kind; 2. onnozel, getuigende van beperkt begrip: de naïeve mens neemt de dingen zoals ze zich voordoen, hij zoekt er niets achter; een naïeve opmerking; die veronderstelling is toch al te —; (wijsbegeerte) — re...

Lees verder
1955
2021-06-18
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Naïef

ongekunsteld, onschuldig, argeloos.

1950
2021-06-18
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Naïef

(<Fr.), bn. bw. (naïever, -st), 1. natuurlijk, ongekunsteld, eenvoudig: naïeve oprechtheid; een naïef kind; 2. onnozel, getuigende van beperkt begrip: een naïeve opmerking; die veronderstelling is toch al te naïef.

Lees verder
1949
2021-06-18
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Naïef

(Fr., van Lat. nativus, aangeboren), ongemaakt, ongekunsteld in tegenstelling tot het kunstmatig conventionele.

1948
2021-06-18
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

naïef

ongekunsteld, kinderlijk onschuldig.

1939
2021-06-18
Humoristisch woordenboek

Amusant-Zorgenverdrijvend Woordenboek (De Kolibri)

Naïef

Doen alsof.

1926
2021-06-18
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Naïef

Afgeleid van het latijnsche „nativus” d.w.z. „aangeboren” wijzen de woorden naïef en naïveteit datgene aan wat oorspronkelijk en nog niet door opvoeding, omgeving, wereld, intellect vervormd en gecompliceerd gemaakt is. Het naïeve is daarom vooral de eigenschap der jeugd. Het volwassen leven is een mozaïe...

Lees verder
1925
2021-06-18
Wijsgeerige kunsttermen

Dr. C.J. Wijnaendts Francken

Naïef

Onbevangenheid in kinderlijke onschuld en onwetendheid; in tegenstelling van het geraffineerde d.i. de berekenende verfijning. Zoo het boersch landelijke en eenvoudige tegenover het steedsch mondaine. In de kunst kan men het naïeve stellen tegenover het gekunstelde en het sentimenteele. Gelijk bij het genie zoo speelt ook bij den dichter volge...

Lees verder
1916
2021-06-18
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Naïef

Naïef - (van ’t Latijnsche nativus, M.-eeuwsch naivus, aangeboren), een term door Gellert van 't Fransch in ’t Duitsch overgenomen, beteekent: natuurlijk-onbevangen, oorspronkelijk, onbevangen-oprecht, argeloos, ongeveinsd, ongekunsteld, zonder kritische reflectie („naief realisme”). Volgens Schiller is het naïeve „een kinderlijkheid, waar zij niet...

Lees verder
1898
2021-06-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Naïef

Naïef bn. bw. (naïever, -st), natuurlijk, ongekunsteld, eenvoudig: naïeve manieren; — onnoozel, getuigende van beperkt begrip: eene naïeve opmerking; die veronderstelling is toch al te naïef.

Lees verder

Gerelateerde zoekopdrachten