Wat is de betekenis van nadeel?

2019
2021-05-09
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

nadeel

nadeel - Zelfstandignaamwoord 1. ongunstige eigenschap Het nadeel van een grote auto is vaak het grote benzineverbruik. 2. verlies. De aandeelhouders ondervonden nadeel van de sterk gedaalde beurskoers. Woordherkomst samenstelling van n...

Lees verder
2018
2021-05-09
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

nadeel

nadeel - zelfstandig naamwoord uitspraak: na-deel 1. waardoor het niet ideaal is ♢ het is wel een nadeel dat je zo ver weg woont Zelfstandig naamwoord: na-deel het nadeel de nadelen...

Lees verder
1973
2021-05-09
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

nadeel

o. (—delen), dat, waardoor iemand of iets minder wordt, schade, verlies: iemand — toebrengen; — van iets ondervinden; dat is in je — ; in het — komen; ik zal niets ten nadele van hem zeggen.

1952
2021-05-09
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Nadeel

s.n., neidiel (it), skea; iem. — berokkenen, immen ûnderstek dwaen, immen in gat (troch de noas) boarje; zichzelf — berokkenen, jins eigen glêzen ynslaen.

1950
2021-05-09
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Nadeel

o. (...delen), dat waardoor iem. of iets minder wordt, schade, verlies: iem. nadeel toebrengen; nadeel van iets ondervinden; dat is in je nadeel; in het nadeel komen: — ik zal niets ten nadele van hem zeggen.

1898
2021-05-09
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Nadeel

Nadeel o. (-en), het kwaad dat voor iem. uit iets ontstaat en hem achter doet staan bij anderen die er voordeel van hebben, schade, verlies: iem. nadeel toebrengen; nadeel van iets ondervinden; — schande, oneer: ik zal niets ten nadeele van hem zeggen.

Lees verder
1898
2021-05-09
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Nadeel

zie Afbreuk.