Wat is de betekenis van nabijheid?

2019
2021-01-20
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

nabijheid

nabijheid - Zelfstandignaamwoord 1. het nabij-zijn 2. directe omgeving Woordherkomst afgeleid van nabij met het achtervoegsel -heid Verwante begrippen proximiteit

Lees verder
2018
2021-01-20
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

nabijheid

nabijheid - zelfstandig naamwoord uitspraak: na-bij-heid 1. gebied om iets heen ♢ in de nabijheid van ons huis zijn drie scholen Zelfstandig naamwoord: na-bij-heid de nabijheid Synoniemen omgeving, omt...

Lees verder
1973
2021-01-20
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

nabijheid

v., 1. de hoedanigheid van nabij te zijn (in ruimte of tijd); profeet in de ⎯ van God; 2. ruimte dichtbij iemand of iets: in de ⎯ van de stad; kom maar niet te dicht in zijn —.

Lees verder
1950
2021-01-20
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Nabijheid

v., 1. de hoedanigheid van nabij te zijn: de nabijheid van de dood; 2. ruimte dichtbij iem. of iets: in de nabijheid van de stad; kom inaar niet te dicht in zijn nabijheid.

Lees verder
1898
2021-01-20
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Nabijheid

Nabijheid v. korte afstand: in de nabijheid van de stad; kom maar niet te dicht in zijne nabijheid.