Wat is de betekenis van Moor?

2020
2021-03-01
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

Moor

Het begrip Moor heeft 2 verschillende betekenissen: 1) neger. neger; soms ook specifieker: donkerkleurige Noord-Afrikaan. 2) Saraceen. mohammedaan uit de islamitische cultuur van Noord-Afrika en Zuid-Spanje in vroegere eeuwen; Saraceen.

Lees verder
2020
2021-03-01
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Moor

Zie Maurus

2019
2021-03-01
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Moor

Moor - Zelfstandignaamwoord 1. (geschiedenis) islamiet (eigenlijk Mauritaniër) in Noord-Afrika en het Iberisch schiereiland

Lees verder
2015
2021-03-01
Typisch Vlaams

Door Ludo Permentier en Rik Schutz

moor

waterketel, fluitketel Verder had ik twee potten, een voor de soep, een voor de patatten en de groenten, een braadpan, een koffiekan en een moor [waterketel], en van mijn moeder had ik wat oude teljoren, vorken, lepels en messen gekregen (Julien Van Remoortere, In de tijd van de kleine patatten) Geen Algmeen Nederlands Gangbaarheid...

Lees verder
2009
2021-03-01
Sinterklaaslexicon

Sinterklaas van A tot Z door Marie-José Wouters

Moor

Het woord is afgeleid van het Griekse voor donker maken en werd gebruikt om de stam van de Mauri aan te duiden. Zij leefden in het noorden van Afrika, ongeveer in het gebied van het huidige Marokko en Algerije, en waren ingelijfd in het Romeinse Rijk. Bij Herodotus en in de bijbel worden de Ethiopiërs beschreven als een onder de grond levend v...

Lees verder
1997
2021-03-01
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

moor

In de 16de en 17de eeuw komt de bastaardvloek gans moren ‘bij alle Spanjaarden’ voor. Uit angst voor vreemden nam men juist zijn toevlucht tot het gebruik van hun naam in eedformules om te getuigen dat men de waarheid sprak. zie Britten, Fransoys, Turk.

1964
2021-03-01
voornamen

Voornamenboek

Moor

m -► Maurus.

1950
2021-03-01
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Moor

I. MOOR m. (moren), 1 oorspr., bewoner van Mauritanië; — vervolgens in ‘t algemeen zwarte, neger; — (spr.) hij ziet zo zwart als een moor; een moor schoon of wit willen wassen, vergeefse moeite doen; 2. Mohammedaan van N.-Afrika en in Spanje: de val van Granada in 1491 betekende het einde van de heerschappij der Mor...

Lees verder
1908
2021-03-01
Vivat

Schrijver op Ensie

Moor

hongaarsch stadje, comitaat Feher, 8700 inw.