Wat is de betekenis van moeder?

2020
2021-07-25
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

moeder

Het begrip moeder heeft 2 verschillende betekenissen: 1) vrouwelijke ouder. vrouwelijke ouder, genoemd in verband met haar verwantschap met haar kind of kinderen. 2) de moeder van alle .... in de verbinding de moeder van alle ..., gevolgd door een substantief of een substantiefgroep.

Lees verder
2020
2021-07-25
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Moeder

Friese naam. Zie voor het eerste lid -moed-; het tweede lid kan -here 'heer, leger' zijn (zie -her-). Als tweede lid werd dit echter alleen voor jongensnamen gebruikt, maar onder invloed van het appellatief moeder kan het een vrouwelijke naam zijn geworden. Vgl. Broer en Suster.

Lees verder
2020
2021-07-25
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

moeder

1) (2007) (Leiden) iets dat erg groot, fors is: 't benne moeders': gezegd van dikke palingen. • (Hans Heestermans: Leidens mooiste woord. 2007) 2) (1970) (prost.) aanspreekvorm van de bordeelhoudster. • Mina was uit luiheid en slapheid prostituée geworden. Zij was beland in een gesloten huis dat er heel fatsoenlijk...

Lees verder
2019
2021-07-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

moeder

moeder - Zelfstandignaamwoord 1. (familie) een vrouwelijke ouder 2. persoon of zaak die op een moeder lijkt omdat dit het oorspronkelijk voortbrengende is bijv. moederbedrijf moeder - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van moederen ♢ Ik moeder 2. gebiedende wijs...

Lees verder
2018
2021-07-25
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

moeder

moeder - zelfstandig naamwoord uitspraak: moe-der 1. vrouw die een of meer kinderen gekregen heeft ♢dag kind, is je moeder thuis? 1. moeder worden [een kind krijgen] 2. z...

Lees verder
2017
2021-07-25
Hans Kaldenbach

De A is van Amalia, die is allochtoon

Moeder

Bij autochtone Nederlanders neemt de moeder een minder speciale plaats in dan bij veel migranten uit zuidelijke landen. Daar staat de moeder (la mamma) op een veel hoger voetstuk. In zuidelijke landen wordt daarom bij een belediging juist de moeder uitgescholden, dat raakt het diepst. Dus wordt gescholden op de kut van je moeder; dat je moeder een...

Lees verder
2017
2021-07-25
Studenten

Jargon & Slang van Studenten

Moeder

Moeder - (Vlaams) benaming die (Westvlaamse) studenten geven aan hun club. Dus: Moeder Brugse, Moeder Westland enz.

2000
2021-07-25
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Moeder

Zo moeder, zo dochter, de dochter lijkt op haar moeder. Dit spreekwoord is te vinden in Ezechiël 16:44-45, ‘Zo moeder zo dochter, luidt het spreekwoord in de mond van iedereen die je bespotten wil. Je bent echt een dochter van je moeder: ook zij verachtte haar man en haar kinderen, en je bent net als je zusters: ook zij minachtten hun man en kinder...

Lees verder
1998
2021-07-25
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Moeder

1. je-, dat kun je wel denken; daar komt niets van in; dat maak je mij niet wijs. Tussenwerpsel, vaak voorafgegaan door ‘ja zeg.Vgl. ammehoela/aan mijn hoela; je tante (op een houtvlot); je zus/zuster op een houtvlot (in d’r blote kont/met het bonenhoedje enz.). ‘Dat je me ervan afhelpt. Jullie vrouwen uit het leven zijn met die dingen toch vertrou...

Lees verder
1997
2021-07-25
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

moeder

Vanouds kon men datgene wat men liefhad tot getuige nemen dat men de waarheid sprak. Zo is de eedformule bi die moeder die mie droech tot een krachtterm en uitroep geworden. In het hedendaagse Nederlands ontmoet men ook steeds vaker de verwensingen neuk je moeder! en ga je moeder naaien, neuken!, in de betekenis ‘sodemiet...

Lees verder
1990
2021-07-25
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

moeder

moeder - Vrouwen die, op biologische wijze of door adoptie, een kind hebben gekregen.

1964
2021-07-25
voornamen

Voornamenboek

Moeder

v Fri. naam. Zie voor het eerste lid -moed-; het tweede lid kan -here 'heer, leger1 zijn (zie -her-). Als tweede lid werd dit echter alleen voor mansnamen gebruikt, maar o.i.v. het appellatief moeder kan het een vr. naam zijn geworden. Andere Fri. 'verwantschapsnamen' zijn Broer en Suster.

Lees verder
1952
2021-07-25
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Moeder

s., mem; mijn, onze, ús mem; aangehecht, memmich; vaakroepen, memkje.

1950
2021-07-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Moeder

v. (-s), (in kindert. moe, moes ; plat moer), 1. vrouw in betr. tot het kind of de kinderen die zij gebaard heeft: zij helpt haar moeder in het huishouden ; vader en moeder ; zij is moeder van vier kinderen ; moeder worden, bevallen; — hij is moeders kindje, haar lieveling; op moeders schoot zitten ; hij...

Lees verder
1933
2021-07-25
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Moeder

➝ Moeders; Ongehuwde moeder.

1926
2021-07-25
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Moeder

Een algemeen, Indo-Germaansch woord. In vele talen gelijkluidend en van dezelfde beteekenis: de levende en leven gevende. In het natuurlijke de schoonste naam, die in een worsteling tusschen leven en dood ontstaat, met de hoogste smart gekocht en met de hoogste vreugde ontvangen wordt.In eigenlijken en figuurlijken zin gebruikelijk. I. In eigenlij...

Lees verder
1898
2021-07-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Moeder

Moeder v. (-s), (in kindertaal MOE, MOES en POE; plat MOER); vrouw die een kind of kinderen gebaard heeft: vader en moeder; zij is moeder van vier kinderen; moeder worden, bevallen; — hij is moeders kindje, haar lieveling; op moeders schoot zitten; hij blijft maar bij moeder thuis, bij moeders pappot; van moeders kant; — (scherts.) moe...

Lees verder