Wat is de betekenis van Memel?

2024-04-12
Typisch Vlaams woordenboek

Ludo Permentier en Rik Schutz (2015)

memel

houtworm ‘Ik ga wel, zorg maar dat je de memel uit je Christus krijgt.' En weg is ze. 'Verrek', zegt hij nog, en lacht ook. 'Verrek!' maar dat heeft ze voorzeker niet meer gehoord. (Ivo Michiels, Een tuin tussen hond en wolf) Geen Algmeen Nederlands Gangbaarheid: 1 Vlaamsheid: 3

2024-04-12
Vlaams-Nederlands woordenboek

Peter Bakema (2003)

memel

(de, -s) houtworm. ‘Hoogtevrees kan je je in deze branche niet permitteren’, grijnst ze als ze met beide handen op Christus borst tikt om te horen of die juist klinkt. Memel kan je naar het schijnt horen. - HN, 31-10-2001. - de memel zit erin, <fig.> hij wordt vergeetachtig, kinds.

2024-04-12
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks (1993)

Memel

mijt

2024-04-12
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Memel

m. (-s), mijt, wormpje; (gew.) de memel zit er in, gezegd van oude lieden die min of meer kinds zijn.

2024-04-12
De Kleine Winkler Prins

Winkler Prins (1949)

Memel

(Klaipeda), stad in Litauen, aan de monding van de gelijknamige rivier in de Oostzee. 32.000 inw. IJsvrije haven. Belangrijke handel. Scheepsbouw en enige industrie. De stad en het omringende gebied (Memelgebied) werden in 1919 tot vrije stad verklaard, in 1923 door Litauen bezet, in 1939 door Duitsland, in 1940 door Rusland, in 1941 weer door Duit...

2024-04-12
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

memel

m. -s; mijt; Z.-N. molm (2); zie ook milver.

2024-04-12
Encyclopedie voor Iedereen

John Kooy (1933)

Memel

1) benedenloop v/d → Njemen; 2) hoofdst. v/h → Memelgebied, 37 000 inw. Memelgebied, streek b/d mond v/d → Memel, vroeger Duitsch gebied, doch b/h Verdrag, v. Versailles (1919) v. Duitschland gescheiden en in 1924 tot autonoom onderdeel v. Litauen verklaard.

2024-04-12
Katholieke Encyclopaedie

Uitgeverij Joost van den Vondel (1933-1939)

Memel

1° (Litausch: Klajpeda) hoofdstad van het Memelgebied aan het Koersche Haf, 2 km van de Oostzee (X 380 A3); havenstad van Litauen; 43 000 inw. (40 % Litauers, 50 % Duitschers, 10 % Joden), waarvan 63 % Prot., 19 % Kath. M. is de zetel der Memelregeering. Vrijhaven. Industrie van houtproducten; hout- en graanexport.De Duitsche Orde verwoestte in...

Wil je toegang tot alle 16 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-04-12
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

memel

('me:məl) m. (-s) [meel + méle, mot] mijt (l 1).