Wat is de betekenis van Manteling?

2026-10-12
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Manteling

v. (-en), uit houtgewas bestaand beschutsel tegen de wind:...

2026-10-12
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

manteling

v. (-en), uit houtgewas bestaande beschutting tegen de wind:...

2026-10-12
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Manteling

MANTELING, v„ (-en), paalwerk, beschutsel tegen den wind.