Wat is de betekenis van manspersoon?

2019
2022-06-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

manspersoon

manspersoon - Zelfstandignaamwoord 1. een persoon van het mannelijk geslacht, man Woordherkomst samenstelling van man en persoon met het invoegsel -s- Synoniemen gast, gozer, kerel, manmens, vent

Lees verder
1973
2022-06-25
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

manspersoon

m. (-sonen), man, mannelijk individu.

1952
2022-06-25
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Manspersoon

s., man(s)keardel, manspersoan, manminske (it).

1950
2022-06-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Manspersoon

o. (...sonen), man, mannelijk individu.

1937
2022-06-25
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

manspersoon

m. en o. manspersonen; man.

1898
2022-06-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Manspersoon

MANSPERSOON, o. (...sonen), man; ...PLICHT, m. (-en); ...ROK, m. (-ken); ...SCHILD, o. (plantk.) mansbloed; ...SCHOEN, m. (-en); ...VADER, m. ! i (-s), schoonvader van manswege; ...WEGE (VAN —), | van den kant, de zijde van den man; ...WERK, o. werk van een man; ...ZUSTER, v. (-s), schoonzuster, behuwdzuster.

Lees verder