Wat is de betekenis van mama?

2020
2020-11-29
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

mama

moeder. vrouw in relatie tot het kind of de kinderen die zij heeft voortgebracht; moeder; mam. Ook als aanspreking. Voorbeelden: Het heeft gesneeuwd, zegt Isabelle. Ze kijkt uit het raam. Ze vraagt aan mama of ze gaan eten. Nee, zegt mama, nog niet, straks gaan we eten. NRC, 1995 Hij moest in ieder geval enkele specula...

Lees verder
2019
2020-11-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

mama

mama - Zelfstandignaamwoord 1. informele benaming voor moeder door haar kind Synoniemen [1] ma [1] mam [1] mamma [1] mammie [1] mams Verwante begrippen moeder, papa

Lees verder
2018
2020-11-29
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

mama

mama - zelfstandig naamwoord uitspraak: ma-ma of ma-ma 1. vrouw die een of meer kinderen gekregen heeft ♢heb je het aan je mama gevraagd? Zelfstandig naamwoord: ma-ma of ma-ma de mama ...

Lees verder
2017
2020-11-29
Prostituees en pooiers

Jargon & Slang van Prostituees en pooiers

Mama

Mama - schertsende aanspreekvorm van een bordeelhoudster. Ook in andere talen gebruikelijk.

2004
2020-11-29
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

mama

Vrouwelijke souteneur. Vgl. madam*. Veel Afrikaanse prostituees komen uit Nigeria. Die zijn via Italië Europa binnengesmokkeld. Van de smokkelaars worden ze door de mama’s, vrouwelijke souteneurs van vooral Ghanese afkomst, overgekocht voor 6000 dollar. Nieuwe Revu, 23-07-97 Het is een even gesloten als complex geheel: niet één mafia, maa...

Lees verder
1977
2020-11-29
Erotisch woordenboek

Geschreven door Hans Heestermans (1977)

mama

mama - schertsend voor hoerenwaardin. Toen we uit de nachtkroegen gingen, raakte we ten huize van mama Margo. Die beest houd niet als zinjoriaalse (= Antwerpse, H.) nimfjes, A. DC MOULIN, De Lichtmis 16 [1687].

Lees verder
1898
2020-11-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Mama

MAMA, MA, v. (-’s), moeder; (fig.) deftige, dikke vrouw. MAMAATJE, o. (-s).

1864
2020-11-29
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

mama

mama - (mamas), moeder; deftige mama, dikke vrouw