Wat is de betekenis van Luk?

2024-07-14
Nederlandse Voornamenbank

Meertens Instituut (2020)

Luk

Verkorting uit Lucas. Als Friese naam is het een afleiding van Ludeke, Lutske is. Vgl. Stark 101: Lucke = Luidke.

2024-07-14
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

Luk

Luk - Eigennaam 1. (mannelijke naam) jongensnaam

2024-07-14
Voornamenboek

Dr. Johannes van der Schaar (1964)

Luk

m Luk (Fri.).

2024-07-14
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

luk

geluk, goed afloop, slaag.

2024-07-14
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Luk

o., (gew. en veroud.) 1. toeval: of ’t een mirakel was of een luk weet ik niet; 2. geluk, fortuin: hoe naarstig moeten luk en zeemanskunst zich paren! — een gunstig toeval.

2024-07-14
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

luk

o.; geluk: luk of raak b.v. antwoorden, d.i. in het wild; hoe moeten luk en zeemanskunst zich paren; vero., Z.-N., lit. t.; Z.-N. nog: toeval: dat is een luk; zie lukraak.

2024-07-14
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

luk

m. (-je) geluk, gunstige loop van omstandigheden: hoe moeten - en zeemanskunst zich paren! dat is een -je; - of raak, op goed geluk af, in ‘t wilde.

2024-07-14
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

luk

m., (gew.) toeval: een duizendste luk, een uitzonderlijk toeval, een ongewone treffer.

Wil je toegang tot alle 9 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-07-14
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Luk

Luik o. (veroud.) geluk, fortuin; luk of raak, onbezonnen, in het wild een luk indien het raak is. LUKJE, o. (-s), kansje.