Wat is de betekenis van Linie?

2020
2020-11-30
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Linie

Zie Lina

2019
2020-11-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

linie

linie - Zelfstandignaamwoord 1. (militair) lineair stelsel van aaneengeschakelde en samenhangende verdedigingswerken 2. opeenvolgende reeks van bloedverwantschappen Verwante begrippen [2] geslacht, lijn

Lees verder
2018
2020-11-30
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

linie

linie - zelfstandig naamwoord uitspraak: li-nie 1. rij soldaten, schepen of tanks ♢ zij braken door de vijandelijke linie heen 1. de Hollandse waterlinie [Nederlandse wateren die de vijand tegenhou...

Lees verder
2017
2020-11-30
Matrozen en mariniers

Jargon & Slang van Matrozen en mariniers

Linie

Linie - de linie gepasseerd zijn: over de vijftig zijn, zich niets laten wijsmaken. Zie ook doop.

2013
2020-11-30
Bart Janssen

--

Linie

Een linie is een verdedigingslijn, bestaande uit een aaneengesloten geheel van versterkte punten in het terrein. Deze kunnen elkaar ondersteunen en zijn meestal onderling verbonden door een wal of een gedekte gemeenschapsweg. In een linie zijn soms terreingedeelten opgenomen die onbegaanbaar zijn of geïnundeerd kunnen worden.

1998
2020-11-30
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Linie

de - gepasseerd ouder dan 50 jaar. Schertsende uitdr. Nee, laten we het nou niet al te gek maken, mevrouw! We hoeven niet te overdrijven... ik ben de linie al zo’n beetje gepasseerd. (Willem van Iependaal: Vlieg er eens uit, 1950)

Lees verder
1973
2020-11-30
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

linie

[→Fr.], v. (-s), 1. streep, lijn; de heilige lijn die de richting west-oost aangeeft, waarin gewoonlijk (in Europa) de lengteas van een rooms-katholiek kerkgebouw ligt; 2. buitenkant, grens, omtrek; 3. reeks van punten die men zich voor een bepaald doel ergens voorstelt; 4. evenaar: de —passeren, m.n. van het noordelijk naar het zuideli...

Lees verder
1949
2020-11-30
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Linie

(1), Heilige: benaming voor de lengteas van een georiënteerd, dus van West (ingang) tot Oost (altaar) gericht kerkplan; (2) naam voor aequator: (3) L. troepen: geregelde, staande troepen.

Lees verder
1948
2020-11-30
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

linie

v. 1 streep, lijn; 2 J, evenaar; 3 in slagorde staande troepen; 4 geslachtreeks.

1916
2020-11-30
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Linie

Linie - zie EVENAAR.

1914
2020-11-30
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

linie

linie - v., streep, lijn; evennachtslijn ; staand leger.

1910
2020-11-30
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Linie

Linie - op bepaalde afstanden van het vreemde grondgebied heeft men twee liniën vastgesteld, waarbinnen strenge bepalingen bestaan voor het vervoer van sommige goederen. De eerste linie loopt aan de landzijde op 5500 meter afstand van het vreemde grondgebied, aan zeezijde op 2600 meter. De tweede linie is voor de landzijde 22000 meter; voor de zeez...

Lees verder
1898
2020-11-30
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Linie

Linie v. (-s, ...niën), streep, lijn; — (R.-K.) de Heilige Linie, de oostwaartsche richting van kerk en altaar; — evenaar, evennachtslijn: de linie passeeren, van het noordelijk naar het zuidelijk halfrond gaan of omgekeerd; — (scherts.) hij is de linie gepasseerd, hij is over de 50 jaar; — (vest.) eene samenhangende re...

Lees verder
1870
2020-11-30
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Linie

zie Aequator.

1864
2020-11-30
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

linie

linie - v. (liniën), streep, lijn; verschansing; de linie van defensie; (recht.) opvolging van aanverwanten; tak, lijn; opklimmende linie, afdalende zijdelingsche linie