Wat is de betekenis van liefkozing?

2024-05-21
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-05-21
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

liefkozing

liefkozing - Zelfstandignaamwoord 1. aai, streling, gebaar maarmee je iets of iemand liefkoost. De moeder gaf haar kind een liefkozing nadat het gevallen was. Woordherkomst Naamwoord van handeling van liefkozen met het achtervoegsel -ing. Verwante begrippen aai, aanhaling,...

2024-05-21
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

liefkozing

liefkozing - zelfstandig naamwoord uitspraak: lief-ko-zing 1. gebaar waarmee je iemand liefkoost ♢ uit die liefkozing blijkt wel hoe gek Kees op Ingrid is Zelfstandig naamwoord: lief-ko-zing de liefkozing ...

2024-05-21
Woordenboek van Eufemismen

Marc de Coster (2004)

liefkozing

Letterlijk: streling, maar (in de achttiende eeuw) ook eufemistisch gebruikt voor geslachtsgemeenschap. Ondertussen in deze zin verouderd.

2024-05-21
Erotisch woordenboek

Hans Heestermans (1977)

liefkozing

liefkozing - eufem. voor coïtus; eig. ‘streling’. Zie andere eufemismen als omhelzen, zoen(en). Eene dochter, die de liefkoozingen van eenen man genoten heeft, Natuurk. Beschouwingen v. d. Mane. d. Vr. 2, 227 [1772].

2024-05-21
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Liefkozing

s., triuwer, triuwke (it).

2024-05-21
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

liefkozing

v. liefkozingen (streling); zie kozen.

2024-05-21
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

liefkozing

v. (-en), 1. het liefkozen; 2. beweging waarmee men liefkoost, streling, aanhaling; (ironisch) klap enz.