Wat is de betekenis van Levendig?

2021
2022-01-26
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Levendig

Een levendig persoon is een opgewekt iemand die krachtig is. De persoon straalt veel energie en warmte uit. Een persoon met veel levenskracht noemt men ook wel een levendig persoon. Het woord levendig wordt ook gebruikt in een andere betekenis: soms kan men zich iemand levendig voor de geest halen, dit kan door in gedachten de persoon "op te roepen...

Lees verder
2019
2022-01-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

levendig

levendig - Bijvoeglijk naamwoord 1. vol opgewekte drukte Het levendige gesprek nam een verrassende wending. 2. voor de geest kunnende halen Woordherkomst afgeleid van levend met het achtervoegsel -ig Verwante begrippen [1] druk, kras, kwiek, onstuimig, opgewekt, rap, tieri...

Lees verder
2018
2022-01-26
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

levendig

levendig - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: le-ven-dig 1. waar gevoelens duidelijk uit blijken ♢ Berdina heeft van die levendige ogen 2. beweeglijk, druk en opgewekt ♢ hij zat levendig te praten...

Lees verder
2017
2022-01-26
Beursspeculanten

Jargon & Slang van Beursspeculanten

Levendig

Levendig - gezegd wanneer er een drukke handel is. Eng. brisk.

1973
2022-01-26
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

levendig

bn. en bw., 1. levend: het is een wonder, dat hij er onderuit is gekomen; 2. aan de gang, warm: de zaak werd levendig gehouden; 3. beweeglijk, druk: het was erg levendig op straat; een levendige handel; een levendig verkeer; levendige stemming (in een handelsbericht), er wordt veel omgezet; 4. vol leven, zijn leven krachtig tot uitdrukking breng...

Lees verder
1952
2022-01-26
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Levendig

adj. & adv., libben, biweechlik fleurich, hertlik, drok.

1937
2022-01-26
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

levendig

bn., bw. (1 vrolijk, opgewekt; 2 druk, vol beweging; 3 wakker, helder; 4 krachtig; 5 van kleuren: scherp uitkomend; 6 zeer duidelijk, als in werkelijkheid): 1. het gesprek werd gedurig levendiger; 2. een levendige handel; een levendig verkeer; 3. een levendig oog; 4. een levendige verbeelding; een man levendig van geest, vlug, opgewekt; 5. levendig...

Lees verder
1910
2022-01-26
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Levendig

Levendig - noemt men de markt, wanneer zich evenzeer koopers als verkoopers vertoonen, die beide geneigdheid hebben tot het doen van zaken, zoodat deze vlug van de hand gaan.

1898
2022-01-26
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Levendig

LEVENDIG, bn. bw. vlug, vol leven een levendige jongen; levendige oogen; levendig van aard zijn; — (zeew.) de zeilen levendig houden, ze laten wapperen, op den wind hellen, brassen; — sterk, krachtig: een levendig gevoel; eene levendige verbeelding hebben; ik kan mij dien dag nog levendig herinneren; — levendige kleuren. sterk u...

Lees verder