Wat is de betekenis van lekkers?

2020
2020-11-26
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

lekkers

Het begrip lekkers heeft 2 verschillende betekenissen: 1) lekkere dingen. lekkere dingen, bijvoorbeeld snoep, chocolade of gebak. Meestal in toepassing op lekkernijen om te eten, maar ook wel in toepassing op lekkere dranken. Soms ook gewoon in toepassing op lekker eten of een lekkere maaltijd. Heel vaak in de combinaties iets lekkers en...

Lees verder
2019
2020-11-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

lekkers

lekkers - Bijvoeglijk naamwoord 1. paritief van de stellende trap van lekker Ik heb trek in iets lekkers! lekkers - Zelfstandignaamwoord 1. snoepgoed Wie zoet is krijgt lekkers! Woordherkomst lekker met de uitgang -s...

Lees verder
2018
2020-11-26
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

lekkers

lekkers - zelfstandig naamwoord uitspraak: lek-kers 1. lekkere dingen ♢ er stond allerlei lekkers op tafel: snoep, chocola, hartige hapjes, etc. 1. het is me wat lekkers [het is niet zo best]...

Lees verder
2014
2020-11-26
Mokums woordenboek

Ditte Simons en Hans Heestermans

lekkers

1. geliefde: Behalve as dat maan lekkers bloedarmoede hèt, saote d’r tande en kiese niet goed fast en kon ik een nieuw geit mesjolleme, NONO2 67; 2. vagina, in: ze draagt haar lekkers hoog, gezegd van een vrouw met lange benen: ENDT.

Lees verder
1977
2020-11-26
Erotisch woordenboek

Geschreven door Hans Heestermans (1977)

lekkers

lekkers - in de uitdr. ze draagt haar lekkers hoog, aanduiding voor een vrouw met lange benen (ENDT); (vgl. o.a. snoepen, snoepgoed).

1973
2020-11-26
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

lekkers

o. (eig. 2e nv. van lekker), lekkere dingen, m.n. snoepgoed, chocolade, suikerwerk enz.: een zak vol -.

1898
2020-11-26
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Lekkers

LEKKERS, o. allerlei gebak (der banketbakkers).