Wat is de betekenis van Leg?

2019
2022-12-04
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

leg

leg - Zelfstandignaamwoord 1. het leggen van eieren Deze kip is niet aan de leg. leg - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van leggen ♢ Ik leg 2. gebiedende wijs van leggen leg!...

Lees verder
1998
2022-12-04
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Leg

van de - af slanguitdr. voor ‘ongesteld’. Zie ook bezoek hebben.

Lees verder
1985
2022-12-04
Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

LEG

gehucht in de Noordbrabantse gemeente Chaam.

1973
2022-12-04
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

leg

I. m., het eierenleggen van de vogels: kippen die nog aan de zijn; een kip van de eerste [= II. v./m./o. (-gen), 1. het eenmaal leggen en ophalen van een visnet; 2. plaats waar het eierleggen gebeurt; 3. plek in een sloot enz. waar veel vis zit; 4. hoeveelheid graan die een maaier telkens als los hoopje neerlegt; 5. laag schoven op de dorsvlo...

Lees verder
1954
2022-12-04
Agrarisch

Agrarisch Encyclopedie

Leg

Het produceren van eieren door hoenders, eenden en evt. andere vogels.

1952
2022-12-04
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Leg

s., lêch.

1951
2022-12-04
Woordenboek Engels (EN-NL) 1951

Dr. F.P.H. van Wely

leg

I. been, bout, schenkel; poot; pijp [v. broek]; schacht [v. laars]; gedeelte, etappe, ronde [v. wedstrijd]; be on one's left-offs; 1. het woord voeren; 2. op de been zijn; be on one’s last legs, op zijn laatste benen lopen; fall on one’s legs, op zijn pootjes terecht komen; get on one’s legs, opstaan, het woord nemen; give on...

Lees verder
1950
2022-12-04
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Leg

I. m., het eierenleggen der vogels: kippen die nog aan de leg zijn; een kip van de eerste leg; II. v. en o. (-gen), 1. het eenmaal leggen en ophalen van een visnet; 2. plaats waar het eierleggen gebeurt; 3. plek in een sloot enz. waar veel vis zit; 4. hoeveelheid graan die een maaier telkens als los hoopje neerlegt; 5. laag schoven op de dorsv...

Lees verder
1937
2022-12-04
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

leg

m. (het leggen der vogels, der hoenders): de kippen zijn al aan of van de leg.

1930
2022-12-04
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

leg

(lech) m. (–gen) het eieren leggen der vogels : de kippen zijn aan de –; een kip van de eerste –.

1898
2022-12-04
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Leg

Het begrip leg heeft 3 verschillende betekenissen: 1. leg - LEG, m. het eieren leggen der vogels kippen die nog aan den leg zijn; een kip van den eersten leg. 2. leg - LEG, v. (-gen), LEGGE, v. (-n), (gemeenz.) eierstok (van hoenders, eenden en ganzen). 3. leg - LEG, v. (-gen), het eenmaal leggen en ophalen van het vischnet; — plaats in ee...

Lees verder
1864
2022-12-04
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Leg

Leg, m. gmv. het leggen der vogelen. § *-, v. (-gen), *-GE, v. (-n), eijerstok (van hoenders, eenden en ganzen). -, (landb.) laag schoven.

Lees verder