Wat is de betekenis van kolfje?

2019
2023-01-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

kolfje

kolfje - Zelfstandignaamwoord 1. een kolfje naar iemands hand zijn: iets dat hij graag doet kolfje - Zelfstandignaamwoord 1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord kolf

Lees verder
2009
2023-01-30
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

kolfje

(het; -s) GV - kleine kolf: dat is een kolfje naar zijn hand. (lett.) dat is een kolf die hem goed in de hand ligt; (fig.) dat schikt of bevalt hem, dat is echt iets voor hem.

1973
2023-01-30
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

kolfje

o. (s), 1. kleine kolf; (zegsw.) dat is een naar zijn hand, dat is net iets voor hem; 2. kolfjes, twee kleine beweegbare organen op het achter borststuk van de tweevleugeligen insekten, balan ceer kolfjes.

1950
2023-01-30
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Kolfje

o. (-s), zie aldaar.

1937
2023-01-30
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

kolfje

o. (kolfslag): zegsw. een kolfje naar zijn hand, net een werkje voor hem, dat doet hij graag.