Wat is de betekenis van klaarkomen?

2020
2022-01-17
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

klaarkomen

(1914) (aanvankelijk plat en enkel v.t.p. op de man, vanaf 1960+ inf. en ook op de vrouw van toepassing) het bereiken van een orgasme. Van Dale gebruikte in 1916 nog als verklaring het éénzijdige en platte 'zaadschieten'. De letterlijke betekenis is echter: voldoening vinden; slagen; bereiken wat men wenst. Maar ook: zijn studie be&eu...

Lees verder
2019
2022-01-17
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

klaarkomen

klaarkomen - Werkwoord 1. ergatief afgemaakt worden De brug was niet op tijd klaargekomen. 2. ergatief (seksualiteit) een orgasme hebben, krijgen Woordherkomst samenstelling van klaar en komen

Lees verder
2018
2022-01-17
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

klaarkomen

klaarkomen - onregelmatig werkwoord uitspraak: klaar-ko-men 1. een orgasme krijgen ♢ hij is bij die vrijpartij wel klaargekomen, maar zij niet Onregelmatig werkwoord: klaar-ko-men ik kom klaar (... ik klaarkom)...

Lees verder
2010
2022-01-17
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

klaarkomen

Zie (ook) orgasme, geslachtsverkeer

2004
2022-01-17
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

klaarkomen

Ooit een eufemisme voor het bereiken van een orgasme. Van Dale gebruikte in 1916 nog als verklaring het eenzijdige en platte ‘zaadschieten’. De letterlijke betekenis is echter: voldoening vinden; slagen; bereiken wat men wenst. Maar ook: zijn studie beëindigen. Tegenwoordig lokt het woord in deze laatste betekenis nog enkel gegniffel uit en wordt h...

Lees verder
1977
2022-01-17
Erotisch woordenboek

Hans Heestermans

klaarkomen

klaarkomen - het orgasme bereiken (van man of vrouw). Na een paar snelle stoten kwam ik klaar, RvzR. 59 [1972].

1973
2022-01-17
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

klaarkomen

(kwam klaar, is klaargekomen), 1. gereedkomen met wat men te verrichten heeft: met zijn werk op tijd —; met iemand —, tot een oplossing, tot overeenstemming komen; 2. slagen, zijn doel bereiken, m.n. in een winkel vinden wat men wenst: ik denk niet, dat je daar zult —; 3. een orgasme hebben; 4. (van zaken) voltooid worden: het k...

Lees verder
1950
2022-01-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Klaarkomen

(kwam klaar, is klaargekomen), 1. gereedkomen met hetgeen men te verrichten heeft: met zijn werk op tijd klaarkomen; — met iem. klaarkomen, tot een oplossing, tot overeenstemming komen; 2. slagen, zijn doel bereiken, inz. in een winkel vinden wat men wenst: ik denk niet, dat je daar zult klaarkomen; 3. (van zaken) volto...

Lees verder
1937
2022-01-17
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

klaarkomen

kwam klaar, i. klaargekomen (1 gereedkomen; 2 zijn studiën ten einde brengen, afstuderen; 3 bereiken, slagen; 4 tot voltooiing komen, in orde komen): 1. met zijn werk klaarkomen; maak dat je klaarkomt, op tijd gereed, met de kaarten kan ik niet klaarkomen, niet mede terecht; met iem. klaarkomen, tot een goed einde, een bevredigende oplossing k...

Lees verder
1898
2022-01-17
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Klaarkomen

KLAARKOMEN, (kwam klaar, is klaargekomen), gereed komen met zijn werk op tijd klaarkomen; — zijn doel bereiken, geholpen woorden ik denk niet, dat gij er zult klaarkomen; ■ — (plat) zaadschieten (bij den coïtus).

Lees verder