2019-11-22

kits

kits - bijvoeglijk naamwoord 1. in orde ♢ is alles kits thuis? 1. alles kits achter de rits? [is alles goed? hoe is het ermee?] Bijvoeglijk naamwoord: kits

2019-11-22

kits

kits - Zelfstandignaamwoord 1. (scheepvaart) een zeiljacht met twee langsgetuigde masten, de achterste is ruim voor de positie van het roer geplaatst. De achterste mast van een kits is korter dan de grote mast. kits - Bijvoeglijk naamwoord 1. (spreektaal) in orde, goed, prettig kits - Zelfstandignaamwoord 1. meervoud van het zelfstandig naamwoord kit kits - Werkwoord 1. eerste persoon enkel...

2019-11-22

Kits

KITS, v. (-en), eene soort van licht Engelsch vaartuig met één verdek en drie masten.

2019-11-22

Kits

Kits - Wegverhardingsmaterialen, zooals grind en steenslag, worden gewoonlijk in korte of langgestrekte hoopen van een bepaald profiel langs den weg opgezet, zoodat men slechts de gemiddelde lengte van deze hoopen heeft te meten, om de hoeveelheid te bepalen. Men noemt deze hoopen kitsen. Voor het opzetten ervan maakt men gebruik van een mal, waarvan men gewoonlijk de afmeting zoodanig bepaalt, dat een aaneengesloten kits langs den geheelen weg kan worden opgezet. Ook kan men den mal volgens een...

2019-11-22

Kits

Kits - jacht met kitstuig. Tuigage met twee masten waarbij de bezaan relatief groot is, zodat de bezaansmast voor het roer geplaatst is. Dit in tegenstelling tot een → yawl, waarbij de relatief kleine bezaan achter het roer geplaatst is. Klaar om te wenden, commando voor het → overstag gaan.