2019-10-21

Jubeljaar

Jubeljaar, binnen de joodse wetgeving: elk vijftigste jaar, waarin een algehele verzoening plaatsvond, schuld werd kwijtgescholden en slaven in vrijheid gesteld; in de rooms-katholieke kerk: elk vijfentwintigste of vijftigste jaar waarin men volledige aflaat kan krijgen en waarin bepaalde feestelijkheden plaatsvinden, recentelijk, ook in andere kerken, verzoeningsjaar; in het algemeen: voorspoedig, vreugdevol jaar. Het joodse jubeljaar werd gevierd na ‘zeven sabbatsjaren, na zeven maal zeven j...

2019-10-21

Jubeljaar

Jubeljaar is de benaming van het jaar dat volgt op elk zevende sabbatjaar, dat is dus elk vijftigste jaar. De naam is afkomstig van het Hebreeuwse woord ‘jobel’, dat ram (-shoorn) betekent. Volgens Leviticus 25 moest dit jaar worden aangekondigd door op de Grote Verzoendag op de ramshoorn te blazen. In dat jaar moest een aantal sociaal-economische maatregelen worden getroffen die de orde en de harmonie in het land en onder het volk zouden herstellen. Het land moest braak blijven liggen en de...

2019-10-21

jubeljaar

Het begrip jubeljaar heeft 4 verschillende betekenissen: 1) jaar waarin men feestelijk viert of vreugdevol gedenkt dat iets 25, 50, 75, 100, 150 of een daardoor deelbaar aantal jaren geleden begon of plaatsvond, of dat iemand toen werd geboren; jaar waarin een jubelfeest voor iets of iemand wordt gevierd 2) jaar dat volgens de joodse wet eens in de vijftig jaar gevierd moet worden na zeven sabbatcycli van zeven jaar, en dat in het teken staat van verzoening, kwijtschelding van schulden en invrij...

2019-10-21

jubeljaar

jubeljaar - Zelfstandignaamwoord 1. (Jiddisch-Hebreeuws) joveel, elk vijftigste jaar, waarin volgens de Bijbel (Lev. 25) schulden werden kwijtgescholden en land weer in het bezit van de oorspronkelijke eigenaar kwam 2. (religie) (rooms-katholiek) Heilig Jaar, elk vijfentwintigste jaar, waarin gelovigen vergeving voor al hun zonden kunnen krijgen door een bedevaart naar Rome of een speciaal door de paus uitgeroepen heilig jaar in de tussenliggende periode 3. jaar waarin men e...

2019-10-21

Jubeljaar

Zoo noemde men bij de Israëlieten in Kanaan een feestelijk jaar, dat telkens na 7 maal 7 jaren aanbrak, — alzoo steeds het vijftigste jaar. Het werd door bazuingeklank (Jobel) aangekondigd en ontleende hieraan zijn naam. Dan stond alle veldarbeid stil, en alle landen keerden zonder losprijs tot de oorspronkelijke eigenaars terug, terwijl ook de slaven hunne vrijheid herkregen. Het jubeljaar is echter in den laatsten tijd van het Israëlietische volksbestaan in onbruik geraakt. Ook in de R. Ka...

2019-10-21

Jubeljaar

Jubeljaar - (van Hebr. jôbêl = ramshoren, omdat het J. door blazen op een ramshoren = bazuin werd aangekondigd). De Israëlietische wet wil, dat, evenals na 6 werkdagen een sabbat (rustdag) aanbreekt, zoo ook na 6 werkjaren een „sabbatjaar” zal zijn. Dan moet niet worden geploegd en geoogst, maar men eet van wat het land vanzelf opbrengt als gemeenschappelijk eigendom. Na verloop van 7 maal 7 jaar, het 50e jaar dus, treedt het J. in. Evenals in het sabbatjaar moet dan ook het land rusten,...

2019-10-21

Jubeljaar

JUBELJAAR, o. (...jaren), jaar, waarin een jubelfeest valt; — (bij de oude Israëlieten) het vijftigste jaar van de bebouwing eens akkers, wanneer de velden onbebouwd moesten blijven, de lijfeigenen hunne vrijheid kregen en de vervreemde goederen weder tot den eigenaar terugkeerden; — (R. K.) ’t eerste jaar eener nieuwe eeuw; oorspronkelijk werd elk drieëndertigste en later geregeld elk vijfentwintigste jaar voor een jubeljaar verklaard; jaar waarin een plechtig afgekondigde volle aflaat...

2019-10-21

Jubeljaar

(➝ Hebr. jobel = trompet). Volgens de Wet van Moses (Lev. 25.8-55; Num. 36.4) moest elk 50e jaar op bijzondere wijze geheiligd zijn. Het begon op den Verzoendag van het ➝ Sabbatjaar. Voor dit jaar golden alle bepalingen van het Sabbatjaar. Bovendien kwamen alle verkochte of verpande akkers en huizen op het land (in de steden ook de huizen der priesters en levieten) aan de oorspr. bezitters terug. Alle Israëlietische slaven werden vrij. De schulden werden kwijtgescholden. Deze bepaling...