Wat is de betekenis van Jan?

2021
2021-08-03
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Jan

Jan is een van oorsprong Schotse mannelijke voornaam die "God is barmhartig" betekent. Het wordt echter ook als meisjesnaam gebruikt. De naam is afgeleid van het Engelse John, dat op zijn beurt weer een afgeleide naam is van Johannes. In Nederland was Jan tot ver in de jaren 50 van de twintigste eeuw een populaire voornaam. Jaarlijks werden er ruim...

Lees verder
2020
2021-08-03
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

jan

januari. januari. Voorbeelden: De Bond van Plattelandsvrouwen Wapserveen hield de jaarvergadering op 13 jan. in café Bruins. Meppeler Courant, 1994 Er schijnen van de sneeuwklok een slordige 600 variëteiten te bestaan - in een artikel in Garden (jan. 1995) beweert Michael Baron, de opzichter van de Britse national...

Lees verder
2020
2021-08-03
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

jan

Zie Johannes Wegens de grote frequentie van de naam Jan kwam het voor dat als gevolg van de strikte vernoemingsgewoonten (naar grootouders enzovoort) de naam in een gezin meer dan één keer voorkwam. Soms maakte men dan onderscheid door te spreken over Groot Jan en Klein Jan (in bijvoorbeeld Ruinen maakt men in een familie of een buurt dit ondersche...

Lees verder
2020
2021-08-03
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

Jan

1) (19e eeuw, vero.) ober, kelner. • Jan werd in de volkstaal van ouds en oorspronkelijk gebezigd om een persoonlijkheid, welke dan ook, uit te drukken, en in de plaats te staan voor elken naam, dien men niet kende of niet verkoos te noemen: van daar noemde men en noemt men nog bij ons elken knecht in herberg of koffiehuis Jan. De Oost-Indisch...

Lees verder
2019
2021-08-03
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Jan

Jan - Eigennaam 1. (mannelijke naam) een jongensnaam Jan ging meestal met de motor naar zijn werk. 2. (spellingsalfabet) spelwoord van het Nederlandse spellingalfabet voor de letter j Woordherkomst Verkorting van Johannus. Synoniemen [2] Johannes, Johannus, Juliett Zie...

Lees verder
2017
2021-08-03
Soldaten

Jargon & Slang van Soldaten

Jan

Jan - een zeer oude benaming voor een (Nederlandse) soldaat. Wordt trouwens nog steeds gebruikt, bijv. bij de Nederlandse troepen in Libanon (G.L. van Lennep in NRC 16.6.1979). Men kende verschillende Jannen. Jan Kordaat was de personificatie van de Nederlandse soldaat. De Belgen noemden hem minachtend Jan Kaas. Jan Compagnie was de personificatie...

Lees verder
2017
2021-08-03
Ewoud Sanders

Taalhistoricus en journalist.

Jan

Is in de betekenis 'sterke drank' is het woord jenever in 1608 voor het eerst in het Nederlands gevonden. Via het Franse genièvre gaat het terug op het Latijnse juniperus 'jeneverbes struik'. De voornaam Jan bestond toen al eeuwen. Op een gegeven moment kwamen jenever en Jan samen. Zoals er mannen zijn die hun geslachtsdeel een naam geven ('...en d...

Lees verder
2004
2021-08-03
vogelnamen

Verklarend en etymologisch woordenboek van de Nederlandse vogelnamen

Jan

Volksnaam voor de Kauw in Sittard [WLD] en delen van Brabant [WBD]. Waarschijnlijk is dit een toevallige variant van Hanne ←. In Herentals (A) is de naam Jannekhan voor de Kauw opgetekend.

Lees verder
1997
2021-08-03
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

Jan

In plaats van God gebruikt men een andere persoonsnaam om de kracht van een blasfemie af te zwakken. In ons materiaal ontmoeten wij: Jandekke, Jandemme, Jandome, Jandomme, Jandooie, Janstramme, Janverdikke, Janverdomme, Janverstramme. Voorts in Sakkerjan, Sakkerjen, jandorie, jandubbeltje, potjandorie, potjandosie. Curieus is daarnaas...

Lees verder
1981
2021-08-03
Geschiedenis Lexicon

H.W.J. Volmuller (1981)

Jan

naam van vele bisschoppen, electen, graven, hertogen en prins-bisschoppen.

1977
2021-08-03
Erotisch woordenboek

Hans Heestermans

jan

jan - ook wel: Jan zonder handjes en Jan Klaasen. (Aant. BOEKENOOGEN). mannelijk lid. Zie ook eigennamen als Frederik, Gerrit, Bello. Jantje Soet, souteneur.

Lees verder
1973
2021-08-03
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Jan

m. (-nen), verkorte mannennaam uit Johannes, gedragen door o.m. verscheidene vorsten (e); — en alleman, iedereen; beter blode — dan dode —, beter voorzichtig dan roekeloos; in samenst.: — Boezeroen, de arbeider -Jongens van de Witt, flinke jongens; — met de pet, de arbeider, de kleine man; —, Piet en Klaas, ieder...

Lees verder
1964
2021-08-03
voornamen

Voornamenboek

Jan

m -> Johannes (Ook Fri., Nederduits, Eng. Po. en Tsjech.). Wegens de grote frequentie van de naam Jan kwam het voor dat a.g.v. de strikte vernoemingsgewoonten (naar grootouders enz.) de naam in een gezin meer dan een keer voorkwam. Soms maakt men dan onderscheid door te spreken over Groot Jan en Klein Jan (in bijv. Ruinen maakt men in een famili...

Lees verder
1950
2021-08-03
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Jan

Januari.

1933
2021-08-03
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Jan

hertogen v. Brabant: 1) J. I (1261/ 1294), voegde Limburg bij Brabant; 2) J. III (1312/'55), vergrootte zijn gebied nog verder. Graven v. Holland: 3) J. I (1296/’99), zwak vorst, met wiens dood het Holl. huis uitstierf.

Lees verder
1933
2021-08-03
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Jan

Verkorte naam van ➝ Joannes. Zie ook ➝ Johan(nes), Jean en Juan.

1928
2021-08-03
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Jan

Een echte, onvervalste oud- en nieuw-Hollandse naam! Al sinds de vroegste tijden, toen er sprake was van Houtland of Holland, zijn in die oude gewesten heren of graven opgedoken, die Jan heetten. Je hoeft je de allereerste geschiedenislessen maar te herinneren en al die Jannen doemen voor je op. Het spreekt dan ook eigenlijk vanzelf, dat Jan onze n...

Lees verder
1916
2021-08-03
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Jan

Jan - zie ook JOHAN, JOHANNES, JUAN, JOAO.

1910
2021-08-03
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Jan

Jan - op de Amsterdamsche effectenbeurs en in de financiëele wereld gebruikte benaming voor het publiek; de outsiders.

1898
2021-08-03
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Jan

Het begrip jan heeft 2 verschillende betekenissen: 1. jan - JAN, m. (-nen), algemeen voorkomende mansnaam; naam in het algemeen gegeven aan iem. dien men niet kent; vandaar: algemeene roepnaam voor koffiehuisbedienden; — in uitdr. wat Jantje niet leert, zal Jan niet kennen, wat men in zijne jeugd niet leert, weet men op rijper leeftijd niet;...

Lees verder