Wat is de betekenis van jaar?

2020
2022-12-07
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

jaar

Het begrip jaar heeft 7 verschillende betekenissen: 1) kalenderjaar. periode van twaalf opeenvolgende maanden die voor onze jaartelling begint op 1 januari en eindigt op 31 december, en die in een gewoon jaar 365 dagen telt en in een schrikkeljaar 366; kalenderjaar. 2) jaar in wetenschappelijke zin. periode waarin de aarde haar baan...

Lees verder
2019
2022-12-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

jaar

jaar - Zelfstandignaamwoord 1. (tijdrekening), (eenheid) de duur van een omloop van de aarde om de zon van circa 365 dagen Naarmate de jaren verstreken, groeide Wikipedia extreem hard. Woordherkomst afkomstig van: Middelnederlands: jaer Oudernederlands: jār Germaans: *jēran Ver...

Lees verder
2018
2022-12-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

jaar

jaar - zelfstandig naamwoord 1. periode van 12 maanden, 52 weken, 365 dagen ♢ hij is drie jaar 1. het schooljaar [periode van augustus tot augustus] 2. in mijn jonge jaren...

Lees verder
2000
2022-12-07
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Jaar

Zeven jaar, genoemd als volledige, afgeronde periode. Zeven is een van de getallen die in de bijbel dikwijls, naast de gewone waarde, een symbolische lading hebben (zie ook Zeven). Zo wordt zeven dikwijls genoemd in verband met een tijdvak dat als voldoende lange, afgeronde periode geldt. Denk aan de zevende dag die de scheppingsperiode vol maakt e...

Lees verder
1997
2022-12-07
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

jaar

In de Middeleeuwen kende men de eedformule bi den goeden jaren. Dit zou een analogievorming kunnen zijn naar bi den go(e)den daghe, waarin sommigen een verbastering zien van bider liever gods ghenaden ‘bij de hoge eer van Gods genade, bij al wat heilig is’. Deze eed kan zich reeds in de genoemde periode tot uitroep...

Lees verder
1993
2022-12-07
Peter Timofeeff

Prisma van het Weer

Jaar

Tijd die de aarde nodig heeft om één volledige baan rondom de zon af te leggen: 365 dagen, 6 uur, 9 minuten en 9,02 seconden. Het kalenderjaar past zich daarbij aan, doordat het 365 etmalen telt, maar elk jaar waarvan het jaartal door 4 deelbaar is 366 etmalen heeft (schrikkeljaar). Uitzonderingen vormen de jaren met een vol eeuwtal dat niet door 4...

Lees verder
1990
2022-12-07
BDI

BDI terminologie

jaar

1. jaar waarin een publikatie is gedrukt date of printing. 2. jaar waarin een publikatie is verschenen.

Lees verder
1973
2022-12-07
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

jaar

o. (jaren), 1. naam van de tijdruimte waarin de aarde eenmaal haar baan om de zon doorloopt, tijd van twaalf maanden ©; kerkelijk —, de volledige reeks van kerkelijke feestdagen; het — van de Verlossing, het geboortejaar van Jezus Christus, het eerste van de christelijke jaartelling; 2. een bep. kalenderjaar van de christelijke ja...

Lees verder
1963
2022-12-07
Surinaams woordenboek

J. van Donselaar

jaar

: ... jaar hebben (had, heeft gehad), ... jaren oud zijn. Vijfenvijftig jaar heb ik! ik ben nie na’ school geweest ma’ ik weet precies hoeveel jaar ik meer heb dan jij! (Cairo 1976: 10). - Etym.: Het is lett. vertaald S: me ab’ moro jari lek’ joe = (lett.) ik heb meer jaren dan jij.

Lees verder
1955
2022-12-07
Katholicisme encyclopedie

Onder redactie van Prof. dr. J.C. Groot

JAAR

is de grondslag van de kalender der feesten, welke het eerst om een vaste afbakening en scandering der heilsperioden vroegen. Oorspronkelijk en fundamenteel is elk jaar ,,jaar des heils”. Op velerlei wijzen kan dan ook nog tussen verschillende jaren onderling verschil worden gemaakt (zie Sabbatjaar; Heilig jaar).Naast de zon (jaar als de duur...

Lees verder
1952
2022-12-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Jaar

s.n., jier, pl. j i e r r e n; half —, healjier (it); per —, jiers; in het —, it jiers; in dat —, dat jiers; vóór enige jaren, (h)okkerjiers.

1949
2022-12-07
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Jaar

Burgerlijk of tropisch jaar, tijd die de zon nodig heeft voor een volledige rondgang door de 12 tekens van de Dierenriem; ook: het tijdsverloop tussen 2 opeenvolgende standen van de zon, waarbij haar middelpunt samenvalt met het lentepunt. Het tropisch jaar telt 365,2422 dagen, duurt dus 365 d. 5 u. 49 m. Verder onderscheidt men nog een anomalistis...

Lees verder
1947
2022-12-07
Winkler Prins Encyclopedie

Winkler Prins 1947

Jaar

noemt men de tijd, die de aarde nodig heeft om één keer om de zon te lopen. Men onderscheidt: 1. het siderische jaar, de tijd waarna de zon weer dezelfde stand ten opzichte van de vaste sterren heeft; het is 365d 6U 9m 92. 02: dit is de werkelijke omlooptijd van de aarde; 2. het tropische jaar, de tijd waarin de...

Lees verder
1942
2022-12-07
Vreemde woorden in de Sterrenkunde

Prof. Dr. P.H. van Laer

Jaar

(Ned. term voor Lat. → annus en Gr. èviau'rót; (eniautos)). Zie verder: anomalistisch, draconitisch, siderisch en tropisch.

1937
2022-12-07
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

jaar

o. jaren, jaartje (1 tijdperk van ongeveer 12 maanden; 2 met betrekking tot temperatuur, vruchtbaarheid: seizoen; 3 leeftijd; 4 studiejaar; ook: de gezamenlijke studenten in een jaar aangekomen): 1 het zonnejaar of astronomisch jaar, tijd van de omloop der aarde om de zon, nl. 365 dagen, 5 uren, 48 minuten en 45 seconden; het siderische jaar of ste...

Lees verder
1933
2022-12-07
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Jaar

tijdvak waarin de aarde om de zon loopt (zonnejaar, sideraal jaar), 365 dagen, 6 uur, 9 min en 9½ sec. Kalenderjaar: 365 dagen, van 1 Jan. t/m. 31 Dee.; om de 4 j. een extra-dag (29 Febr.), schrikkelj.

1933
2022-12-07
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Jaar

Omloopsduur van de aarde om de zon, d. i. hetzelfde als de duur van den schijnbaren omloop van de zon langs de ecliptica. Dien duur moet men dus bepalen door den terugkeer van de zon tot een (vast of beweeglijk) punt op de ecliptica. Voor dat punt kan men kiezen: a) een punt, dat zooveel mogelijk vaststaat t. o. v. de sterren. Het hierdoor bepaalde...

Lees verder
1930
2022-12-07
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

jaar

(ja:r) o. (jaren; -tje) I. Eig. 1. Algm. omloopstijd der aarde om de zon : het is verdeeld in 12 maanden of 365 dagen; een heel, rond, vol -; dit -; het lopende -; in de loop van het -; het gehele door, rond; het aanstaande, andere, komende, naaste, toekomende, volgende -; toekomende -; ’t andere, komende, volgende -; het verleden, vorige -;...

Lees verder
1928
2022-12-07
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Jaar

Sinds de oudste tijden reeds hebben de mensen getracht, het vlieden van den tijd door een maat te bepalen. De astronomische verschijnselen, als de wisseling van dag en nacht, de verandering in de gedaante van de maan en de jaargetijden zijn tengevolge van hun regelmatig verloop voor dit doel het meest geschikt. Het jaar was van ouds de eenheidsmaat...

Lees verder
1926
2022-12-07
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Jaar

Door jaar of zonnejaar verstaat men den tijd, waarin de aarde zich om de zon beweegt of m.a. w. den tijd, dien de aarde noodig heeft om van het lentepunt of voorjaarsnachteveningspunt (21 Maart) weder datzelfde punt harer baan te bereiken. Deze tijd bedraagt 365 dagen 5 uren 48 minuten 46 seconden en draagt ook den naam van tropische jaar. Iets lan...

Lees verder