Wat is de betekenis van Item?

2019
2021-10-17
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

item

item - Zelfstandignaamwoord 1. onderwerp dat aan bod komt Het journaal had vandaag een leuk item. Tijdens de vergadering was de recente wateroverlast een van de belangrijkste items.

Lees verder
2017
2021-10-17
Journalisten en zetters

Jargon & Slang van Journalisten en zetters

Item

Item - (Eng.) artikel, bericht.

2016
2021-10-17
Cito

Onderzoek & Wetenschap

Item

Een item is een vooral bij meerkeuzetoetsen gebruikt synoniem van opgave.

2016
2021-10-17
Cijfers spreken

Cijfers spreken

item

Stelling, vraag of onderdeel van een vraag in een vragenlijst.

1994
2021-10-17
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Item

1 item, afk. it. [Lat., van is = deze, en uitgang -tem] bw evenzo, op dezelfde wijze (niet te verwarren met idem, z.a.). 2 item [Eng., uitspr. aaitem, van Lat. item] I zn (niet in Lat.) punt, kwestie, onderwerp; onderwerp in krant of nieuw...

Lees verder
1993
2021-10-17
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Item

insgelijks; onderwerp; programmapunt; begrotingspunt

1985
2021-10-17
Woordenboek automatisering

Henk Biemond - 1985

Item

Bestanddeel (1) Een samenstellend deel van een groep. Een bestand kan uit een aantal bestanddelen bestaan, zoals records, die op hun beurt weer uit andere bestanddelen kunnen bestaan. (2) Een verzameling aan elkaar verwante tekens, die als een eenheid wordt behandeld.

Lees verder
1981
2021-10-17
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Item

[ai'tem], een van de onderwerpen die worden behandeld in een kranteartikel, nieuwsuitzending e.d. In het algemeen: onderwerp, punt, kwestie.

1950
2021-10-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Item

(Lat.), I. bw., desgelijks, insgelijks, evenzo (thans verdrongen door idem, zie ald.); II. zn. o. (-s), punt (van een lijst); post (op een begroting, rekening enz.).

Lees verder
1948
2021-10-17
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

item

insgelijks, evenzo.

1910
2021-10-17
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Item

Item -

1898
2021-10-17
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Item

Het begrip item heeft 2 verschillende betekenissen: 1. item - ITEM, bw. desgelijks, insgelijks, evenzoo; dat kost alweer item zooveel, dat kost alweer heel wat; dat is item zooveel gewonnen. 2. item - ITEM, o. (-s), post (op eene begrooting, rekening enz.). ITEMPJE, o. (-s): er komt nog wel een itempje bij, nog wel wat bij (van ongerekende onkoste...

Lees verder
1864
2021-10-17
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

item

item - bijw. desgelijks, insgelijks, evenzoo