Wat is de betekenis van Inmanen?

2025-12-05
Middelnederlandsch handwoordenboek

J. Verdam (1911)

Inmanen

zw.. ww. tr. 1) Invorderen, boeten, schulden enz. 2) iem. aanzeggen dat hij zich voor een gerecht stellen, of op eene bepaalde plaats inliggen moet; aanmanen om te betalen. 3) iem. aanmanen om tot hem te komen. 4) enen iet i., iem. iets op het hart drukken of inprenten.

2025-12-05
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Inmanen

INMANEN, (maande in, heeft ingemaand), door manen invorderen (eene schuld). INMANING, v. (-en).