Wat is de betekenis van Inhuren?

2019
2022-07-04
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

inhuren

inhuren - Werkwoord 1. (ov) iemand tijdelijk in dienst/iets tijdelijk in gebruik nemen Er werden direct extra werkkrachten ingehuurd. Woordherkomst samenstelling van in(bijwoord) en huren(werkwoord)

Lees verder
2018
2022-07-04
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

inhuren

inhuren - regelmatig werkwoord uitspraak: in-hu-ren 1. in dienst nemen ♢ ik merkte dat ik was ingehuurd voor het vuile werk Regelmatig werkwoord: in-hu-ren ik huur in (... ik inhuur) ...

Lees verder
1990
2022-07-04
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

inhuren

inhuren - Te gebruiken voor het aannemen van de diensten van een persoon of personen voor arbeidsloon of een andere vorm van betaling. Gebruik 'in dienst nemen' voor het doorlopend mensen voorzien van en betalen voor werk. Gebruik 'werkgelegenheid' voor de mate of de omvang van de voorziening of de beschikbaarheid van betaald we...

Lees verder
1973
2022-07-04
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

inhuren

(huurde in, heeft ingehuurd), (vroeger) na afloop van de overeengekomen tijd opnieuw in (zijn) huur of pacht nemen; abs. van een huis enz.: wij hebben weer ingehuurd; scherts, gezegd van iemand die bijna dood is geweest en weer beter wordt: hij schijnt weer ingehuurd te hebben.

1952
2022-07-04
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Inhuren

v., ynhiere; het —, de ynhiering.

1950
2022-07-04
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Inhuren

(huurde in, heeft ingehuurd), na afloop van de overeengekomen tijd opnieuw in (zijn) huur of pacht nemen : zij heeft haar meid weder voor een jaar ingehuurd ; — absol. van een huis enz.: wij hebben weer ingehuurd; — scherts, gezegd van iem. die op de dood af is geweest en weer beter wordt: hij schijnt weer ingehuurd te...

Lees verder
1937
2022-07-04
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

inhuren

huurde in, h. ingehuurd (de huur verlengen; opnieuw huren): e. huis inhuren, e. knecht inhuren.

1910
2022-07-04
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Inhuren

Inhuren - opnieuw huren en daardoor de huur verlengen.

1898
2022-07-04
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Inhuren

INHUREN, (huurde in, heeft ingehuurd), de huur (van een huis enz.) verlengen; wij hebben weer ingehuurd; — scherts, gezegd van iem. die op den dood af is geweest en weer beter wordt: hij schijnt weer ingehuurd te hebben; zij heeft hare meid weder voor een jaar ingehuurd. INHURING, v. (-en), huurverlenging.

Lees verder