Iemand bij den neus hebben (-nemen of leiden)
D.w.z. iemand beethebben, hem foppen; ‘iemand bij het lijf nemen’ (Van Dale); eig. hem bij zijn neus leiden waar men wil, hem beetnemen; oorspr. van dieren, paarden, beren, stieren, die door een neusring geleid worden. Ook in het Grieksch kende men Tqg pivóg ëAKeivrqg pivóg ëAKeivof [I]ÜYSIVTIVÓ...