2020-04-03

Hoofd

1. een - als een (afgetrapte) gymschoen,zie een kop als een gymschoen hebben. 2. het - en de benen,wielercliché voor de succesvolle combinatie van intelligentie en spierkracht. In 1898 publiceerde de oprichter van de Tour de France, de Fransman Henri Des- grange, zij n beroemde boek La tête et les jambes, misschien een verwijzing naar de Provengaal- se zegswijze quand on n’a pas de tête ilfautavoir des jambes.Het Franse wielerargotkent ook de uitdr. couriravec sa tête‘op een berekenende manier f...

2020-04-03

hoofd

hoofd - Zelfstandignaamwoord 1. (anatomie) een belangrijk lichaamsdeel, helemaal bovenaan het lichaam, waarin zich de hersenen en de meeste zintuigen bevinden Vroeger werden misdadigers van het hoofd ontdaan. 2. het hoogste of het voorste deel Aan het hoofd van de tafel stond een beeldje. 3. (figuurlijk) belangrijker, hoogste (als eerste deel van een samenstelling) ...

2020-04-03

hoofd

hoofd - zelfstandig naamwoord 1. bovenste deel van het lichaam, met ogen, neus, mond, etc. ♢ ik zag het hoofd van Jan boven het hek uit komen 1. veel aan je hoofd hebben [het druk hebben] 2. het hoofd laten hangen [de moed opgeven] 3. iets uit je hoofd leren...

2020-04-03

Hoofd

Hoofd - het bovenste, op den hals rustende gedeelte van het lichaam. Men kan aan het hoofd, evenals aan den schedel, een hersengedeelte en een aangezichtsgedeelte onderscheiden. Het eerste is een eivormig gebied, dat grootendeels met het hoofdhaar bedekt is, het tweede is het aangezicht. Dit laatste gedeelte onderscheidt zich bij den mensch van het aangezichtsgedeelte van het hoofd bij de dieren daardoor, dat het relatief zoo klein is en geheel door het hersengedeelte wordt overwelfd. Bij de die...

2020-04-03

Hoofd

Hoofd (Het), ’s Menschen ligchaam is verdeeld in het hoofd, den romp en de ledematen (zie Geraamte). Tot het hoofd behooren het oor het oog, de neus en de mond (zie onder deze woorden), de zetels van even zoovele belangrijke zintuigen. Het grootste gedeelte van het hoofd wordt ingenomen door de hersenen (zie aldaar), terwijl men omtrent de verschillende vormen van het hoofd het artikel schedel kan raadplegen.

2020-04-03

hoofd

hoofd - De bovenste lichaamsdelen van mens of dier die de mond of bek, zintuiglijke organen zoals ogen, neus en oren, en de hersenen bevatten; gewoonlijk door een nek of hals gescheiden of anderszins te onderscheiden van de rest van het lichaam.

2020-04-03

Hoofd

Hoofd - (boekh.) opschrift boven een rekening; ook de rekening zelf.

2020-04-03

hoofd

Reeds in het Vroegmiddelnederlands zwoer men bi dijns selfs hoefde ‘bij je eigen hoofd’. In de oorspronkelijke eedformule bij Gods hoofd worden God en diens hoofd tot getuigen aangeroepen dat men de waarheid spreekt. Het ijdel gebruik van de formule maakt haar tot een vloek, die alleen aangetroffen is in de verbasteringen bij gans hoy en bij gans hoofd. zie long.

2020-04-03

Hoofd

zie Dam.

2020-04-03

HOOFD

(Fr.: haed). Paalwerk of stenen dam ongeveer loodrecht op de kust. Dient om zeestromingen op een afstand te houden, om verdieping van het strand te voorkomen en aanslibbing voor de dijk te bevorderen. Naam ook bij bruggen (frontmuur) en sluizen (binnen- en buiten-H.).

2020-04-03

hoofd

hoofd - de eikel van de penis. Het hoofd (van het lid) heeft zo’n teder en licht-gevoelig vlees, Eros’ L. 81 [ 18e e.].