2019-12-13

hoe

hoe - Uitroepend voornaamwoord 1. (verouderd) wat Hoe vreselijk is dit alles! hoe - Bijwoord 1. vragend: op welke wijze? Hoe ging hij naar zijn werk? 2. betrekkelijk: op welke wijze. Ik weet niet hoe hij naar zijn werk ging. Woordherkomst afkomstig van: Middelnederlands: hoe Oudernederlands: huo Germaans: *hwō

2019-12-13

hoe

hoe - bijwoord 1. op welke manier ♢ hoe start ik die computer? 1. hoe bestaat het! [uitroep als je heel verbaasd bent] 2. we komen hoe dan ook [in ieder geval] 3. het gaat hoe langer hoe slechter [steeds slechter]

2019-12-13

Hoe

HOE, bw. (vraagwoord in rechtstreeksche en afhankelijke vragen) op welke wijze: hoe kan ik u genoeg danken?; hoe is het afgelopen?; hoe hebt ge dat aangelegd?; hoe maakt ge het?; hoe heet hij?; hoe zou dat mogelijk zijn?; ik zal u zeggen, hoe gij doen moet; — waardoor: ik weet niet hoe het komt; — op welken grond, waarom: hoe zoo? (of hoe dat zoo?), waarom meent ge dat?; hoe kunt ge dat van mij denken?; — op welke voorwaarde: hoe wilt ge het mij laten?, op welke conditie, voor hoeveel geld...

2019-12-13

hoe

zie storten.