Wat is de betekenis van Heinde?

1973
2021-08-02
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

heinde

bw., dichtbij, in de nabijheid, thans alleen nog in de uitdrukking van en ver(re), van alle kanten.

1952
2021-08-02
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Heinde

adv.;en ver, fier en hein, wech, wich, wych ende wear.

1950
2021-08-02
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Heinde

bw., dichtbij, in de nabijheid, thans alleen nog in de uitdr. van heinde en ver(.rc), van alle kanten: van heinde en verre kwamen de nieuwsgierigen opdagen.

1921
2021-08-02
Levende taal

T. Pluim - 1921

Heinde

zie Hand.

1898
2021-08-02
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Heinde

HEINDE, bw. dichtbij, in de nabijheid, in de uitdr. van heinde en verre (of ver, veer): van heinde en verre kwamen de nieuwsgierigen opdagen, van alle kanten.