Hartelijk
bn. bw. (-er, -st), I. bn., 1. uit het hart komende, innig, diep, warm, welgemeend : mijn hartelijke dank; hartelijke genegenheid; een hartelijk woord; — vol warme, oprechte betuigingen en gevoelens: een hartelijke toespraak; een hartelijke brief; — innig, vriendelijk, warm : een hartelijke ontvangst; de harteli...