Wat is de betekenis van halm?

2019
2021-12-05
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

halm

halm - Zelfstandignaamwoord 1. (plantkunde) grasstengel|gras- of graanstengel

Lees verder
2018
2021-12-05
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

halm

halm - zelfstandig naamwoord 1. de ronde stengel van een grassoort ♢ de grashalm is verdeeld in stukjes Zelfstandig naamwoord: halm de halm de halmen het halmpje Syno...

Lees verder
1981
2021-12-05
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Halm

een holle stengel die door tussenschotten geleed is. Deze tussenschotten voelt of ziet men als knopen bij alle grassen, het duidelijkst bij granen en bamboe.

1974
2021-12-05
Biologische encyclopedie

Biologische encyclopedie geschreven door G. Th. van Kempen. Amsterdam, 1974.

halm

stengel van Gramineae, met duidelijke knopen en leden, meestal kruidachtig, niet of weinig vertakt.

1973
2021-12-05
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Halm

Halm - zie bau.

1954
2021-12-05
Agrarisch

Agrarisch Encyclopedie

Halm

Bloeistengel bij granen en grassen; meestal rond, stevig, gewoonlijk hol. omhooggroeiend orgaan, dat enige halmbladeren en aan de top een bloeiwijze draagt. De h. is door enige tussenschotten verdeeld in van beneden naar boven in lengte toenemende en in dikte afnemende halmleden. Deze tussenschotten bevinden zich ter plaatse van de uitwendige goed...

Lees verder
1952
2021-12-05
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Halm

s., hael, harrel; alleenstaande —, teister.

1950
2021-12-05
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Halm

m. (-en), 1. de meestal ronde, gelede stengel der grassen (Gramineeën); vgl. gras-, strohalm; — (in ’t bijz.) stengel van een graangewas, karenhalm; een halm schieten, die vóórtbrengen; de halmen tot schoven binden; — het graan op (de) halm (of op de halmen) verkopen, te...

Lees verder
1949
2021-12-05
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Halm

(culmus), naam van de stengel der Grassen*. Deze is meestal rondom door bladscheden omgeven en voorzien van sterk verdikte knopen. Dikwijls overlangs gestreept, meest onbehaard en kruidachtig, bij bamboe* en Spaans* riet houtig.

Lees verder
1937
2021-12-05
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

halm

m. halmen, halmpje (naam v. de stengel van sommige gewassen inz. stengel van grassen en granen): de halm schiet op, uit; graan, op de — verkopen, te velde.

1933
2021-12-05
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Halm

stengel v. grassen.

1933
2021-12-05
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Halm

Halm - 1° August, Duitsch componist en musicoloog; * 26 Oct. 1869 te Grosz-Altdorf (Württemberg), ♱ 1 Febr. 1929 te Saalfeld. Als componist (vooral van kamermuziek) behoorend bij de richting Brahms-Reger met een voorliefde voor 17e-eeuwsche vormen, is hij als publicist voor de nieuwere jeugdmuziek van belang geworden. Nog steeds waardevol...

Lees verder
1928
2021-12-05
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Halm

Albert Hahn (1877—1918) is wel een der meest bekende moderne caricaturisten van ons land geweest. Hij was leerling van de Kunstnijverheidsschool en de Academie te Amsterdam, en tekende veel voor „Het Volk” en „De Notenkraker”; ook voor de „Hollandse Revue”. Vooral zijn oorlogsprenten hebben veel succes geha...

Lees verder
1916
2021-12-05
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Halm

Halm - 1) Friedrich, pseudoniem van den Oostenr. schrijver Eligius von Münch-Bellinghausen, 1806-71, die door middelmatige, op uiterlijk effect geschreven drama’s, vooral door Griseldis (1834), Der Sohn der Wildnis (1842), Der Fechter von Ravenna (1854) en Wildfeuer (1863) beroemder werd dan zijn zooveel genialer tijdgenooten Grillparzer en Hebbl....

Lees verder
1898
2021-12-05
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Halm

HALM, m. (-en), de meestal ronde, gelede stengel der grassen: grashalm, korenhalm, stroohalm; de halmen tot schooven binden; — het graan op (den) halm (of op de halmen) verkoopen, terwijl het nog te velde staat; — (recht.) met mond en halm afstand van iets doen, van zijn eigendomsrecht afstand doen (vgl. het vroegere rechtsgebruik om d...

Lees verder
1870
2021-12-05
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Halm

Halm (Culmus) is de naam, dien men in de kruidkunde geeft aan den veelal ronden, geleden of knoopigen, door bladscheden omgeven stengel der grassen. Dikwijls is hij overlangs gestreept, — voorts onder en boven de knoopen meestal onbehaard en kruidachtig, somtijds houtig, zooals bij het Spaansch riet en den bamboes. De deelen tusschen de knoopen zij...

Lees verder