Wat is de betekenis van Halleluja?

2021
2023-01-30
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Halleluja

Halleluja (ook wel Hallelujah) is een van oorsprong Hebreeuwse uitroep die 'Prijst God' betekent. Hallelujah is een samentrekking van de twee woorden hallelu en jah. Jah is de ingekorte aanduiding van JHWH, het Hebreeuwse woord voor God. In het Joodse geloof wordt het woord Halleluja voornamelijk gebruikt in de Hallel, de Psalmen 113 -118. In de ka...

Lees verder
2019
2023-01-30
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

halleluja

halleluja - Zelfstandignaamwoord 1. (Jiddisch-Hebreeuws) oproep in een aantal psalmen om de Heer te prijzen (24×: Ps. 104:35 +; ook 4× in NT) Woordherkomst Herkomst: Hebreeuws (gangbare Nederlandse versie), letterlijk: 'prijst de Heer' Verwante begrippen Hebreeuws (transcriptieversie): haleloeja, Hebreeuws-Latijn:...

Lees verder
2000
2023-01-30
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Halleluja

Halleluja, alleluja, (lett.:) looft de Heer; uitroep van lofprijzing en vreugde; (ruimer, ook ironisch) uiting van enthousiasme en blijdschap. Zeer veelvuldig worden lofprijzingen, onder andere in de Psalmen, met deze uitroep afgesloten. Vooral als naam van een misgezang, een lofprijzing, werd alleluja in het Middelnederlands bekend. Buiten godsdie...

Lees verder
1997
2023-01-30
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

Halleluja

De letterlijke betekenis van dit woord is ‘loof de Heer’. Het is m.a.w. een instemmingsformule van de gemeente met de woorden van de voorganger en in dezen vergelijkbaar met het amen, kyrie en sanctus in de roomse eredienst. Het woord komt vaak voor als aanhef of besluit van psalmen, en daarbuiten ook in de paaszang. Het w...

Lees verder
1993
2023-01-30
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Halleluja

(alleluja) looft de Heer; lofkreet

1982
2023-01-30
De Tale Kanaans

J. van Delden

halleluja

r.-k. alleluja, Hebr. hallelu’Jah’, lofprijzing: looft de(n) Heer; uitroep van vreugde en dankbaarheid, bij uitbreiding ook: loflied.

1962
2023-01-30
Muziek Encyclopedie

Geschreven door S. van Ameringen (1962)

halleluja

(Hebr.. looft God) of alleluia. uitroep van lofprijzing en vreugde in de joodse en christelijke eredienst. In de Romeinse liturgie, het Gregoriaans, is het halleluia voorzien van rijke melismen en toegevoegd aan delen van het proprium (tijdeigene) voor zon- en feestdagen.

1955
2023-01-30
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Halleluja

loof de Heer!

1950
2023-01-30
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Halleluja

(Hebr.), I. tw., lofkreet: looft den Heer ; II. zn. o. (-’s), 1. de juichkreet halleluja ; — bij uitbr.: loflied; 2. zie Alleluia.

Lees verder
1937
2023-01-30
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

halleluja

o. halleluja’s (Hebr. Gode lof, loof den Heer!); ook halelujah, met welke juichtoon de Psalmen 111-113 beginnen; zie hallel, halel; bij de R.-K. alleluja: het halleluja zingen, van Pasen tot Pinksteren.

1933
2023-01-30
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Halleluja

(ook: Alleluja), Hebr.: Looft God!, juichkreet v/h Joodsche volk in antwoord o/h priestergezang. In de R.K. Kerk, de tijd v. Paschen tot Pinksteren.

Lees verder
1933
2023-01-30
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Halleluja

Halleluja - ➝ Alleluia.

1932
2023-01-30
Muziek

Muziek lexicon

Halleluja

Uit den Hebreeuwschen tempel stammende jubelroep, oorspronkelijk beteekenend: Looft den Heer, overgenomen in de lofpsalmen der Christelijke Kerk, meestal als afsluiting, soms ook aan het begin of in het midden. De H.'s behooren tot de bestanddeelen van de mis in de Katholieke liturgie, vallen alleen bij bijzondere gelegenheden (b.v. bij dooden...

Lees verder
1930
2023-01-30
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

halleluja

(halle'lu:ja) o. (-’s) [Hebr. looft de Heer] juichkreet van dankbare vreugde, reeds in het Oude Testament. → alleluia.

Lees verder
1928
2023-01-30
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Halleluja

is een jubelkreet, die door alle Christenen en ook door de Joden wordt gebruikt. Het is een Hebreeuwse uitdrukking, die betekent: looft Jahwe. In de oud-testamentische psalmen kwam zij veel voor en werd om den plechtigen klank onvertaald gelaten.

Lees verder
1926
2023-01-30
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Halleluja

Eigenlijk halleloe-jah, is gevormd door samenvoeging van de gebiedende wijs meervoud van een Hebreeuwsch werkwoord, dat „loven”, „prijzen” beteekent, met den Hebreeuwschen naam Gods, Jahveh (= Heere), in den verkorten vorm Jah. Het woord beteekent dus: „looft den Heere”. Het komt in het boek der Psalmen 24 maal v...

Lees verder
1916
2023-01-30
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Halleluja

Halleluja - (Hebr.: looft den Heer), een jubelklank, waarmee het volk antwoordde op het priesterlijk gezang (Ps. 106 : 48). Ook als beginwoord van een hymne deed het dienst: Ps. 113; 135; 148; 159; e. a. Zulke eindeloos herhaalde uitroepen bij religieuse feesten komen ook bij andere volken voor: het hye, kye bij de Grieken; het labbaika bij de Moha...

Lees verder
1908
2023-01-30
Vivat

Schrijver op Ensie

Halleluja

(hebr., eigenlijk Hallelu Jah, d. L. Looft God) in de hebreeuwsche psalmen veelvuldig voorkomende uitdrukking, welke in de verschillende bijbelvertalingen onveranderd is overgenomen (vulgaat en r.-kath. liturgie: Alleluja), en reeds vroeg in de liturgie is overgegaan, doch in het westen sedert paus Gregorius I in den tijd der h. vasten wordt, wegge...

Lees verder
1898
2023-01-30
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Halleluja

HALLELUJA, o. (-’s), lofzang (woordelijk looft den Heere); het groote halleluja, bij de Israëlieten de 113de tot en met den 117den psalm, omdat daarin bijzonder Gods weldaden, aan het Joodsche volk bewezen, worden verheerlijkt.

1870
2023-01-30
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Halleluja

Halleluja of looft den Heer is een woord, hetwelk in de Hebreeuwsche Psalmen dikwijls voorkomt en wegens zijn plegtigen klank ook in de vertaling onveranderd bleef. Reeds door de oudste Christenen werd het gezongen, en terwijl men het in de Grieksche Kerk ten allen tijde aanheft, laat men het bij de R. Katholieken gedurende den vasten weg, om het a...

Lees verder