Wat is de betekenis van Guitigheid?

1952
2022-11-29
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Guitigheid

s., gutigens, bizigens.

1950
2022-11-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Guitigheid

v. (...heden), abstr. en concr.

1937
2022-11-29
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

guitigheid

v. guitigheidheden (de eigenschap hebbende van guitig te zijn; grap).

1930
2022-11-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

guitigheid

v. (...heden) 1. Eig. het guitig zijn. 2. Metn. wat guitig is.

Lees verder