Wat is de betekenis van Gluuroogen?

1898
2021-07-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gluuroogen

GLUUROOGEN, (gluuroogde, heeft gegluuroogd), gluren zij gluuroogt door eene heg, of neef komt.

Gerelateerde zoekopdrachten