Wat is de betekenis van geheim?

2022
2022-10-01
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2022.

geheim

(1954) (lesbotaal) het vrouwelijk geslacht. Kunst & Schutte citeren Nel Noordzij (Bij nader inzien. 1954): ' het zacht ontsluiten van uw klein geheim'. Heestermans vermeldt 'geheime plek' in dezelfde zin. • (Hanneke Kunst en Xandra Schutte: Lesbiaans, Lexicon van de Lesbotaal. 1991)

Lees verder
2019
2022-10-01
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

geheim

geheim - Zelfstandignaamwoord 1. informatie die verborgen wordt en bestemd is om dat te blijven geheim - Bijvoeglijk naamwoord 1. opzettelijk verborgen De Nederlandse regering hield tegen afspraken in belastingafspraken met multinationals geheim voor andere Europese landen. ...

Lees verder
2018
2022-10-01
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

geheim

geheim - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: ge-heim 1. wat niet iedereen mag weten ♢ ik heb die geheime notitie toch gelezen 1. de geheime dienst [overheidsdienst die in het geheim voor de veiligheid...

Lees verder
2004
2022-10-01
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

geheim

In het lesbisch spraakgebruik een verhullende benaming voor het vrouwelijk geslacht. Kunst & Schutte citeren Nel Noordzij (‘Bij nader inzien’. 1954): ‘ het zacht ontsluiten van uw klein geheim’. Heestermans vermeldt ‘geheime plek’ in dezelfde zin.

1998
2022-10-01
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Geheim

het - van Huis ten Bosch heeft de koningin invloed op de besluitvorming? Kan zij de regering in een bepaalde richting sturen? Die vragen moeten onbeantwoord blijven. Immers, de ministers zijn verantwoordelijk voor elke regeringsdaad. In politieke en journalistieke kringen wordt de mogelijkheid van politieke en/of persoonlijke invloed van het staats...

Lees verder
1991
2022-10-01
Lesbotaal Lexicon (1991)

Lesbiaans : lexicon van de lesbotaal (1991). Geschreven door Kunst, Hanneke, en Xandra Schutte.

Geheim

Geheim - 1) zeer verkapte verwijzing naar het lesbische. En ons geheim is een van woorden niet, maar van lang zwijgen. (Boutens) Alleen van The Well of loneliness had ik wel eens gehoord, dus daar kwam ik voor. Drie keer ging ik de winkel rond, drie keer liep ik langs alle ruggen. Mijn Well of loneliness kreeg ik mee in een bruin papiertje. Ik bloo...

Lees verder
1955
2022-10-01
Katholicisme encyclopedie

Onder redactie van Prof. dr. J.C. Groot

GEHEIM

wordt zowel ter vertaling van het Latijnse secretum als van mysterium gebezigd. In de eerste zin betekent het een zaak, die verborgen moet blijven of ook de verplichting om iets wat verborgen is, verborgen te houden. Deze verplichting, welke op twee manieren kan geschonden worden, nl. door een geheim op onrechtvaardige en slinkse wijze te achterhal...

Lees verder
1952
2022-10-01
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Geheim

s.n., geheim (it), heimnis (it); in het —, heimlik, tomûk, yn 't genyp; dat gaat in het —, dat giet mei stille trommen; in hetiets uitvoeren, fordek spylje.

1951
2022-10-01
Duits woordenboek (DU-NL) 1951

Dr. H. W. J. Kroes

Geheim

geheim, verborgen; geheimzinnig.

1939
2022-10-01
Humoristisch woordenboek

Amusant-Zorgenverdrijvend Woordenboek (De Kolibri)

Geheim

Nieuws dat snel verspreid wordt.

1937
2022-10-01
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

geheim

I. bn., bw. (1 verborgen gehouden; het tegengestelde van openbaar in verschillende opvattingen; 2 duister; niet gemakkelijk te doorgronden of te begrijpen): 1. een geheime zaak, een geheim verbond; een geheim onderhoud, in het verborgen plaatshebbend; een geheime wetenschap; zie occultisme; een geheim beschermer, in het verborgene werkzaam; de gehe...

Lees verder
1933
2022-10-01
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Geheim

Geheim - 1° ófwel de zaak, die verborgen moet blijven, ófwel de verplichting om iets, wat verborgen is, verborgen te houden. Op twee manieren kan men tegen deze verplichting handelen, m.a.w. een geheim schenden. Vooreerst door, wanneer iemand terecht iets geheim wil houden en ook de normale middelen daartoe aanwendt, met onrechtva...

Lees verder
1930
2022-10-01
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

geheim

[Mned. heem, huis] A. bn. en bw. (-er, -st) 1. voor anderen verborgen: een -e lade; een -e zaak, ziekte; een verbond; blijven; iets houden; een -e wetenschap. Syn. heimelijk. 2. in het verborgen plaatshebbend: een -e raadszitting; een konsistorie; iets behandelen. 3. slechts aan weinig ingewijden bekend; een -e wetenschap. 4. in het verborgen we...

Lees verder
1911
2022-10-01
pluim

Keur van Nederlansche woordafleidingen

Geheim

letterlijk : wat tot het heem (z. d. w.) behoort en dus voor vreemden verborgen moet blijven ; zie ook Heimelijk. Vgl. ’t Mnl.: ,,Ryck God, waer ic tso heyme gebleven” = Almachtig God, ware ik thuis gebleven.

1898
2022-10-01
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Geheim

Het begrip geheim heeft 2 verschillende betekenissen: 1. geheim - GEHEIM, bn. bw. (-er, -st), voor anderen verborgen gehouden, het tegenovergestelde van openbaar: eene geheime zaak; — dat moet geheim blijven, verborgen blijven; — (van gedachten, bedoelingen, oogmerken, gemoedsaandoeningen, gewaarwordingen, stemmingen enz.) voor andere...

Lees verder
1864
2022-10-01
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Geheim

Geheim, o. iets dat slechts aan één persoon of aan weinigen bekend is, verborgenheid; - houden; het - bewaren; er geen - van maken; in het -; achter het - komen; er steekt een - achter; de -en (mysteriën) der godsdienst. *-, bn. en bijw. (-er, -st), slechts aan één of weinigen bekend; bedekt; de -e deelen van het me...

Lees verder