Wat is de betekenis van gangpad?

2020
2021-01-20
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

gangpad

Het begrip gangpad heeft 2 verschillende betekenissen: 1) smal voetpad buiten. voetpad buiten dat een smalle doorgang biedt. 2) smalle loopruimte tussen zitplaatsen e.d.. smalle doorgang of loopruimte die is vrijgehouden tussen rijen zitplaatsen, winkelrekken, een machineopstelling enz..

Lees verder
2019
2021-01-20
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

gangpad

gangpad - Zelfstandignaamwoord 1. een pad voor wandelaars, voetpad 2. een pad tussen rijen stoelen Woordherkomst samenstelling van gang en pad

Lees verder
2018
2021-01-20
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

gangpad

gangpad - zelfstandig naamwoord uitspraak: gang-pad 1. smalle doorgang tussen blokken zitplaatsen ♢ in de kerk liep de bruid door het gangpad naar voren Zelfstandig naamwoord: gang-pad het gangpad ...

Lees verder
1990
2021-01-20
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

gangpad

gangpad - Doorgangen tussen groepen zitplaatsen.

1973
2021-01-20
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

gangpad

o. (-en), (in openbare gelegenheden) smalle doorgang tussen blokken zitplaatsen: het was zo vol dat zelfs op de gangpaden toehoorders zaten.

1898
2021-01-20
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gangpad

GANGPAD, o. (-en), smalle weg in een dorp of op een veld voor voetgangers bestemd, voetpad; — (in kerken, schouwburgen enz.) smalle doorgang tusschen blokken zitplaatsen: als dominee A. preekt, is de kerk zoo bezet, dat zelfs de gangpaden vol met toehoorders zijn; — (w. g.) zijn gangpad schoon vegen (in scherts ook schoon boenen), het...

Lees verder