Synoniemen van Gala

    • galabal
    • galafeest
    • hofbal
    • hoffeest
    • hofkledij
    • staatsiekleding
2020-04-07

Gala

GALA, o. hoffeest, luisterrijke partij ten hove; elke schitterende en deftige partij in ’t algemeen; — groot gala, bijzonder luisterrijke partij; — (fig.) staatsiekleeding, door de etiquette voor het bijwonen van een hoffeest of van eene deftige partij, en voor het afleggen van plechtige bezoeken voorgeschreven; hofkleedij, plechtgewaad, feestdos; — in (groot) gala, in het door de etiquette of de mode voorgeschreven feestgewaad; —AVOND, m. (-en); —BAL, o....

2020-04-07

gala

gala - zelfstandig naamwoord uitspraak: ga-la 1. groot feest aan het hof ♢ de koningin droeg een prachtige jurk op het gala 2. luisterrijk, chic feest ♢ de diploma-uitreiking werd afgesloten met een gala Algemene uitdrukkingen: 1. in gala zijn [in voorgeschreven, prachtig...

2020-04-07

gala

gala - Zelfstandignaamwoord 1. een feestelijke gelegenheid waar de heren in rokkostuum of smoking en de dames in avondjurk verschijnen Er werd een gala gehouden. Woordherkomst van het Franse woord gala

2020-04-07

Gala

Gala, afkomstig van het Spaansche woord galla, beteekent eene bepaalde kleeding, bestemd om bij Hoffeesten te worden gedragen. Het gebruik van zoodanig voorgeschreven gewaad — van een gala-uniform enz. — is afkomstig van het Spaansche Hof, waar weleer alles aan de regelen der étiquette gebonden was, en ook nu nog heeft men gala-diné’s, gala-voorstellingen in den schouwburg enz. Het gala-gewaad der burgerlijke ambtenaren is in Europa, met uitzondering van eenige bepaalde costumes van grootwaardig...

2020-04-07

Gala

is hetzelfde woord als het Spaanse woord gala en betekent: feestkleding, oorspronkelijk kleding, die bij feesten aan het Hof, waar alles erg precies toeging, moest worden gedragen. Ook in onzen tijd en in ons land spreekt men nog van galadiners, galavoorstellingen in den schouwburg enz. Het avond-galacostuum voor gewone burgers is rok en witte das, voor de dames avondtoilet, terwijl voor hoogwaardigheidsbekleders, b.v. ministers, hoge ambtenaren, hoge militairen enz. ook bepaalde gala-costuums z...

2020-04-07

gala

gala, - o., pracht, praal, staat; feest, vooral hoffeest.

2020-04-07

gala

gala - o. hofstaatsie; in gala, in feestgewaad, in staatsiekleeding; galavoorstelling, tooneelvoorstelling waarbij men in hofkleeding verschijnt

2020-04-07

gala

o. groot feest, inz. hoffeest; hofstatie; feestgewaad, ambtelijk staatsiekleed; ~-dag, dag, waarop de hovelingen in staatsieklederen moeten verschijnen.