Wat is de betekenis van gaarde?

2019
2022-01-24
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

gaarde

gaarde - Zelfstandignaamwoord 1. (f)/(m)? (scheepvaart) bij een kaag: de kabels waarmee de spriet in de vaarrichting gehouden wordt 2. (f)/(m)? de meestal gegalvaniseerde stalen draad met behulp waarvan riet op een dak strak gebonden wordt 3. (f)/(m) taai, recht wilgenhout voor rijswerk 4. ...

Lees verder
1937
2022-01-24
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

gaarde

V. -n (lit. t. of gew. lusthof, tuin: in samenst. meer gewoon): de velden in, naar bos en gaarde! een blijde lentegaarde: zie boomgaard, wijngaard.

1933
2022-01-24
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Gaarde

Gaarde - of lat, taai, recht en gelijk gegroeid water-wilgenhout, dat gebruikt wordt voor rijswerk. De lengte is 2 à 4 m, de dikte 2 à 3 cm. De g. worden geleverd in bossen van 40 stuks met 2 banden gebonden.

Lees verder
1916
2022-01-24
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Gaarde

Gaarde - Bij rijsmaterialen spreekt men van gaarden of latten; dat zijn de lange en dikke rijzen, waarvan men do tuinen vlecht. Men onderscheidt naar de afmetingen en houtsoort: Hollandsche, Brabantsche en Geldersche gaarden. De Holl. g. komt in den handel voor in bossen van 40 stuks, ze is met de blees 2.70 a 2.80 M. lang en heeft een omtrek van 4...

Lees verder
1898
2022-01-24
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Gaarde

zie Hof.

1898
2022-01-24
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gaarde

Het begrip gaarde heeft 2 verschillende betekenissen: 1. gaarde - GAARDE, v. (-n), gaard. 2. gaarde - GAARDE, v. (-n), zie GEERDE.

Lees verder