Wat is de betekenis van externe?

2019
2021-03-01
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

externe

externe - Zelfstandignaamwoord 1. iemand die ingehuurd is van een ander bedrijf Toen het slecht ging met het bedrijf werden eerst de externen weggestuurd. externe - Bijvoeglijk naamwoord 1. verbogen vorm van de stellende trap van extern Woordherkomst De gesubstantive...

Lees verder
1993
2021-03-01
Vreemd Nederlands

Vreemd Nederlands

Externe

niet-inwonend leerling of assistent

1973
2021-03-01
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

externe

[Fr.], v./m. (-n), niet-inwonend leerling, assistent e.d.

1950
2021-03-01
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Externe

(Fr.), m. (-s, -n), niet-inwonend leerling, assistent e.d.

1948
2021-03-01
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

externe

(Fr.) m. niet in t gesticht of de school gehuisvest leerling; buitenwonend assistent.

1898
2021-03-01
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Externe

EXTERNE, m. (-s, -n), leerling die eene kostschool bezoekt, zonder er gehuisvest te zijn.

1864
2021-03-01
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

externe

externe - m. (externen), dagscholier