Wat is de betekenis van Epidemie?

2021
2021-07-28
Redactie Ensie

Schrijver op Ensie

Epidemie

Een epidemie is de verzamelnaam van een (besmettelijke) ziekte die zich gelijktijdig en in een andere frequentie dan gewoonlijk verspreidt onder mens en dier. Binnen een bepaalde tijd na het optreden van de epidemie verdwijnt het weer. Bij een epidemie gaat het om een tijdelijk optreden van een ziekte die soms geestelijk en soms lichamelijk van aar...

Lees verder
2019
2021-07-28
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

epidemie

epidemie - Zelfstandignaamwoord 1. (medisch) besmettelijke ziekte die zich snel verspreidt onder een groep van mensen De laatste polio-epidemie in Nederland was in 1992. Er werden 71 mensen ziek, van wie er 2 overleden. Verreweg de meeste patiënten waren van orthodox-gereformeerde huize en niet gevac...

Lees verder
2018
2021-07-28
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

epidemie

epidemie - zelfstandig naamwoord uitspraak: e-pi-de-mie 1. situatie waarin veel mensen aan dezelfde (besmettelijke) ziekte lijden ♢ er heerst weer een griepepidemie Zelfstandig naamwoord: e-pi-de-mie de epidemie...

Lees verder
2010
2021-07-28
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

epidemie

Besmettelijke ziekte die zich snel verspreidt in een landstreek of bevolkingsgroep, waardoor veel mensen tegelijkertijd ziek worden (uitspraak: ee-pie-dee-MIE). Voorbeelden van epidemieën zijn malaria, dengue, cholera, tyfus en polio, allemaal in derdewereldlanden. Wanneer zo’n ziekte langere tijd in zo’n land heerst, heet dat een ‘endemie’. Griep...

Lees verder
2007
2021-07-28
Piet van der Ploeg

Auteur Psychologie woordenboek

Epidemie

Wanneer het aantal besmette patiënten exponentieel toeneemt (en vervol­gens heel snel afneemt wegens een gebrek aan mogelijk te be­smetten indi­viduen), noemt met de ziekte niet endemisch maar epi­demisch. Een epide­mische ziekte sterft in een bepaald gebied uit of wordt na verloop van tijd endemisch.

2004
2021-07-28
lesmethode Memo

Geschiedenisles voor bovenbouw

Epidemie

Besmettelijke ziekte die zich snel verspreidt.

1994
2021-07-28
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Epidemie

[via VLat. van Gr. epidèmia, van epidèmios = inheems, verspreid onder het volk, van dèmos = volk, land] tijdelijke sterke toeneming van het aantal gevallen van een bep. besmettelijke ziekte in een bevolking van een of meer landen (vgl. endemie).

1993
2021-07-28
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Epidemie

besmettelijke ziekte

1990
2021-07-28
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

epidemie

epidemie - Plotselinge uitbraken van een ziekte bij mensen-, dieren- of plantenpopulaties in een gebied waar de ziekte eerder niet voorkwam, of waar een snelle toename optreedt van gevallen van een ziekte die er al wel bestond.

1984
2021-07-28
Milieu-encyclopedie

Oosthoek milieu-encyclopedie

epidemie

het (tijdelijk) massaal in een gebied optreden van een ziekte. Aanvankelijk werd de term epidemie uitsluitend gebruikt bij besmettelijke ziekten die in een streek niet inheems waren, en die zich snel onder grote groepen mensen verspreidden, en daarna (vrijwel) geheel verdwenen. Geleidelijk is het begrip epidemie uitgebreid. Het wordt nu ook vaak ge...

Lees verder
1981
2021-07-28
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Epidemie

de snelle uitbreiding van een besmettelijke ziekte over een tamelijk groot gebied. Infectieziekten, zoals tyfus, malaria, cholera, dysenterie, griep en andere, kunnen zich epidemisch uitbreiden, epidemieën onder dieren, besmettelijke ziekten der huisdieren en van het wild, b.v. miltvuur, hondsdolheid, schurft, mond-en-klauwzeer; zie ond...

Lees verder
1981
2021-07-28
Lexicon der Natuurgeneeskunde

Vraagbaak voor het moderne gezin (Uitgave Milinda Uitgevers, 1981)

Epidemie

wijdverbreid en veelvuldig optreden van infectieziekten, die over de landen trekken. Tegengestelde: endemie.

1980
2021-07-28
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

Epidemie

Hoe sterk een woord van betekenis kan veranderen, is te zien aan het woord epidemia dat in het Grieks voorkwam in de betekenis: verblijf, bezoek en in het bijzonder: familiefeest, gevierd wanneer iemand behouden van een reis was teruggekeerd. Het Griekse woord wordt gevormd door het zelfstandige naamwoord demos: volk en epidemos betekent dus letter...

Lees verder
1974
2021-07-28
Biologische encyclopedie

Biologische encyclopedie geschreven door G. Th. van Kempen. Amsterdam, 1974.

epidemie

(G., epidemios = onder het volk verspreid), wanneer een ingevoerde infectieziekte zich sterk uitbreidt. Gebeurt dit over een groot deel van de wereld dan genoemd: pandemie (griep); in een bepaalde streek zonder import endemie (malaria).

1973
2021-07-28
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

epidemie

[➝Gr. epidemios, onder het volk], v. (-ën), het (tijdelijk) veelvuldig in een gebied optreden van een bepaald verschijnsel, meestal van ongunstige aard voor mens, dier of plant, zoals een ziekte. (E) GENEESKUNDE. Aanvankelijk werd het begrip epidemie vrijwel uitsluitend gebruikt voor besmettelijke ziekten die in een streek niet inheems waren,...

Lees verder
1954
2021-07-28
Medisch

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Epidemie

een intense verspreiding van een (besmettelijke!) ziekte over een bevolking, het plotseling ontstaan van een hoge morbiditeit (zie aldaar). Vgl. endemisch, pandemie.

1954
2021-07-28
Groninger Encyclopedie

K. ter Laan

Epidemie

zie lazarushuis en pest. In 1826 heerste in de Stad een geweldige kootsepidemie, waardoor 1/10 der bevolking bezweek, nl. 2874 lijders. Arsenaal en kazerne werden tot ziekenhuis ingericht. Cholera-epidemie, 1866. Pokken, 1870. De Citadel, het gebouw van de Kweekschool voor de zeevaart op de Mottenberg, als ziekenhuis ingerich...

Lees verder
1950
2021-07-28
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Epidemie

(<Gr.) v. (-ën), het optreden van een besmettelijke ziekte die zich zeer snel uitbreidt, om na enige tijd weer geheel of bijna geheel te verdwijnen; cholera-, influenza-epidemie; ook fig.

1949
2021-07-28
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Epidemie

het optreden van een besmettelijke ziekte bij vele mensen tegelijk.

1948
2021-07-28
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

epidemie

v. besmettelijke ziekte, die plotseling uitbreekt en een groot deel der bevolking aantast.