Wat is de betekenis van entourage?

2019
2022-09-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

entourage

entourage - Zelfstandignaamwoord 1. personen in de omgeving, hofhouding van een belangrijk persoon Tijdens een twee weken durend proces in september zei Cahuzac op de eerste dag dat een van de rekeningen door hem geopend was om campagnegelden te innen voor een presidentskandidatuur van de socialistische ex-...

Lees verder
1994
2022-09-29
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Entourage

[Fr., van en- = in-, en tour = omtrek] lett.: wat rond iets geplaatst is; omgeving (ook fig.).[i] [/i]

Lees verder
1993
2022-09-29
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Entourage

omgeving

1973
2022-09-29
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Entourage

[Fr.], (-s), omgeving.

1955
2022-09-29
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Entourage

omgeving

1952
2022-09-29
Frans woordenboek (FR-NL) 1950

Dr. F.P.H. Prick van Wely

Entourage

omgeving; omlijsting.

1948
2022-09-29
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

entourage

(Fr.) v. omgeving; midden.

1937
2022-09-29
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

entourage

v. (Fr. omgeving), (en = an).

1930
2022-09-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

entourage

v. [Fr. < Lat. tornare, draai[en] omgeving.

1914
2022-09-29
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

entourage

entourage, - v., omgeving,

1906
2022-09-29
wink

Wink's vreemde woordenboek

Entourage

vr. Fr., de omgeving, de personen, met wie men omgaat.

1898
2022-09-29
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Entourage

ENTOURAGE (Fr.), v. (-s), omgeving.

1864
2022-09-29
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

entourage

entourage - m. omgeving, personen waarmede men gewoonlijk verkeert