Wat is de betekenis van duisternis?

2019
2021-12-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

duisternis

duisternis - Zelfstandignaamwoord 1. een toestand van weinig of geen verlichting Door de invallende duisternis werd het onmogelijk de zoektocht voort te zetten. Woordherkomst afgeleid van duister met het achtervoegsel -nis Synoniemen donkerte Antoniemen licht

Lees verder
2018
2021-12-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

duisternis

duisternis - zelfstandig naamwoord uitspraak: duis-ter-nis 1. als zon en lampen niets uitstralen als je weinig kunt zien ♢ toen de duisternis viel moesten we naar huis Zelfstandig naamwoord: duis-ter-nis de duisterni...

Lees verder
2000
2021-12-07
Bijbels Lexicon

Door Karina van Dalen-Oskam & Marijke Mooijaart

Duisternis

De buitenste duisternis, de hel; (fig.) plaats waar men geen leven heeft; verbanningsoord of plaats waar men iets wegstopt. Deze uitdrukking berust op de voorstelling van de hel als een duistere plaats, verder dan wat dan ook verwijderd van het licht. We vinden haar op verschillende plaatsen in Matteüs, onder andere in hoofstuk 25:30, ‘En werpt de...

Lees verder
1990
2021-12-07
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

duisternis

duisternis - Het geheel of nagenoeg ontbreken van licht.

1952
2021-12-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Duisternis

s., tsjusternis, tsjusterens, tsjusterte.

1950
2021-12-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Duisternis

v. (-sen), 1. afwezigheid van licht, toestand van donkerte: de duisternis des nachts; licht in de duisternis;een Egyptische duisternis, volslagen donkerte; 2. plaats waar geen of weinig licht is; in -,t bijz. in toepassing op de hel: de buitenste duisternis; (bijb.) werken der duisternis, die het licht niet mog...

Lees verder
1937
2021-12-07
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

duisternis

v. duisternissen (1 afwezigheid van licht; 2 plaats,waar geen licht is; 3 duisterheid in bet.2 en 3): 1. de — van de nacht; Egyptische —, tastbare donkerheid: één der tien plagen, Exodus X: 21-23; zegsw. de macht der —, der hel; de werken der kwaad; 2. een licht straalde in de —; 3. een verhaal vol —.

Lees verder
1933
2021-12-07
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Duisternis

1° Goddelijke Duisternis. Wordt God dikwijls het Licht, het Eeuwige Licht genoemd, omdat Hij de bron is van alle waarheid en kennis, van den anderen kant wordt Hij ook genoemd de ondoordringbare Duisternis, omdat zijn Wezen al onze kennis te boven gaat. Er is dan ook naast de positieve theologie reden voor een negatieve theologie, die er den na...

Lees verder
1898
2021-12-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Duisternis

DUISTERNIS, v. donkerheid; — eene Egyptische duisternis, volslagen duisternis; — tijdperk van domheid en bijgeloof: de duisternis der middeleeuwen; — (Z.A.) eene duisternis van menschen, overgroote menigte.

Lees verder