Wat is de betekenis van donderdag?

2026-10-11
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Donderdag

m. (-en), 1....

2026-10-11
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

donderdag

vierde dag van de week. Voorbeelden: Op donderdag...

2026-10-11
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

donderdag

(19e eeuw) euf.) krachtterm, uitroep van verbazing of...

2026-10-11
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

donderdag

donderdag - Zelfstandignaamwoord 1. (tijdrekening), (dag)...

2026-10-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

donderdag

donderdag - zelfstandig naamwoord uitspraak: don-der-dag 1....

2026-10-11
Pierewaaien (Quiz)

Genootschap Onze Taal (2001)

donderdag

Wie heeft zijn naam gegeven aan donderdag? a Donar, de...

2026-10-11
Lexicon van het bijgeloof

Walter Gerlach (2000)

Donderdag

→Weekdagen.

2026-10-11
Etymologisch Woordenboek voor Beginners

Gerbrand Bakker (1997)

DONDERDAG

VIERDE DAG VAN DE WEEK Donar, de Germaanse god van de donder...

2026-10-11
Vloeken lexicon

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg (1997)

donderdag

De dag van Donar wordt ook als bastaardvloek, uitroep of...

2026-10-11
Bijbelse eponiemen

Dr. Apeldoorn en Dr. Beijer (1997)

Donderdag

Vijfde dag van de week. ‘Donderdag’ is de vertalende...

2026-10-11
Art & Architecture Thesaurus

Getty Research Institute (1990)

donderdag

donderdag - De dag na woensdag en voor vrijdag, traditioneel...

2026-10-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Donderdag

s., Tongersdei; (zie ook Dinsdag).

‘donderdag’ komt ook voor in deze premiumwerken

Bekijk het volledige resultaat via het betreffende premiumwerk.