Wat is de betekenis van Doende?

2026-08-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Doende

bw. bn., bezig : hij is er mee doende.

2026-08-19
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

doende

doende - Bijvoeglijk naamwoord 1. tijdens het doen, tijdens...

2026-08-19
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

doende

bn., bw. (onvolt....

2026-08-19
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

doende

('doendə) bn. en bw....

2026-08-19
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Doende

bn. en bw., bezig: hij is ermee doende.

2026-08-19
Middelnederlandsch handwoordenboek

J. Verdam (1911)

Doende

1. bnw....

2026-08-19
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Doende

DOENDE, bw. bn....

2026-08-19
Etymologicum 1573

Cornelis Kiliaan (1573)

Doende

Faciens, agens: & Operosus, operi intentus.

2026-08-19
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-19
Prisma Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)