Wat is de betekenis van dingo?

2020
2020-11-25
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

dingo

Het begrip dingo heeft 2 verschillende betekenissen: 1) Australische wilde hond. hondachtig zoogdier uit Australië, dat verwilderd is en uiterlijk lijkt op een wolf, maar kleiner is. 2) kaartspel. eenvoudig kaartspel waarbij de spelers vijf dezelfde dierkaarten proberen te verzamelen.

Lees verder
2019
2020-11-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

dingo

dingo - Zelfstandignaamwoord 1. (dierkunde) Canis lupus dingo, een Australische wilde hond

Lees verder
1973
2020-11-25
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

dingo

m. (-’s), (ook: warrigal), wilde hond in Australië. Vrijwel algemeen wordt de dingo beschouwd als een verwilderde hond, die afstamt van vroeger gedomesticeerde huishonden, die op hun beurt weer afstamden van de Zuidaziatische witvoetwolf Canis lupus pallipes. In Australië zou de dingo opnieuw verwilderd zijn en zich zelfstandig heb...

Lees verder
1949
2020-11-25
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Dingo

(Canis dingo), Australische hondensoort. Lijkt in vorm en kleur op een vos, maar is groter. Levenswijze vertoont overeenkomst met die van de jakhals. Schadelijk voor de kudden schapen waar ze in groepen van 5-6 (meest moeder met jongen) op jagen.

Lees verder
1933
2020-11-25
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Dingo

→ Hondachtigen.

1916
2020-11-25
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Dingo

Dingo - Canis dingo, een half wilde hond uit Australië, de eenige soort van honden, die in dit werelddeel gevonden wordt — afgezien natuurlijk van den ingevoerden huishond. Of dit dier in Australië thuis hoort, dan wel een verwilderde ingevoerde hond is, is nog niet met zekerheid uitgemaakt. Hij is zeer variabel in lichaamsbouw en klem- en verwant...

Lees verder
1898
2020-11-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Dingo

DINGO, m. (-’s), wilde hond in Australië (canis dingo), zoo groot als een middelmatige herdershond; hij blaft niet.

1870
2020-11-25
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Dingo

Dingo (Canis Dingo) is de naam van eene soort van wilde honden, die in kleur en gedaante wel wat op vossen gelijken, maar veel grooter zijn dan deze. Zij verbergen zich bij dag, en gaan des nachts uit op roof. Te voren maakten zij jagt op kangoeroe’s, doch thans zijn zij zeer gevaarlijk voor de schapen. De kolonisten hebben hun best gedaan, om deze...

Lees verder